S Silverfield

Voor kopers van een import- en exportbedrijf

Import- en exportbedrijf te koop: neem leveranciers en afnemers over van de handelaar zelf

Een import- en exportbedrijf kopen van de handelaar die het opbouwde, regel je hier zonder tussenpersoon. In deze handel wegen leveranciers en afnemers zwaarder dan alles wat je kunt aanraken.

Zoek een import- en exportbedrijf

Je logt in met een code per e-mail, zonder wachtwoord.

Btw-vergunning

De artikel 23-vergunning staat op naam van de ondernemer en wordt na de overname opnieuw aangevraagd.

Leveranciers

Een contract kan de leverancier laten opzeggen zodra de eigenaar wisselt, dus een alleenrecht gaat niet vanzelf mee.

Voorraad

De verkoper waardeert op kostprijs, en wat je er werkelijk voor terugkrijgt bepaalt de ruimte in de prijs.

Nederland voerde in 2024 voor ruim 666 miljard euro aan goederen uit. Een groot deel daarvan is wederuitvoer. Dat zijn spullen die hier binnenkomen, nauwelijks worden bewerkt en weer de grens over gaan. Een import- en exportbedrijf in die handel kan klein zijn. Soms is het een kantoor met een handvol mensen, terwijl de goederen ergens anders liggen. Een koper van zo'n bedrijf krijgt vaste leveranciers, afnemers die bestellen en mensen die de douaneregels kennen. Het meeste daarvan staat op papier, en dat papier moet na de koop op jouw naam komen.

Vijf tot vijftien procent op andermans product

Een handelaar verdient ruwweg vijf tot vijftien procent op zijn inkoopwaarde. Welk percentage het wordt, verschilt sterk per productgroep. In het boekenonderzoek zie je de omzet en de brutomarge per productgroep en per afzetmarkt over drie jaar. Daar lees je af waar het geld echt wordt verdiend. Verkoopt het bedrijf een deel rechtstreeks online, dan gelden voor dat deel de regels van een webshop. De marge per stuk ligt daar hoger. Er komen wel retouren en advertentiekosten bij die de gewone handelsmarge niet kent.

Waar de goederen heen gaan, maakt ook verschil. Een bedrijf dat invoert voor de Nederlandse markt heeft andere risico's dan een bedrijf dat vooral wederuitvoert. Wederuitvoer vraagt weinig voorraad en geeft een betere kasstroom. Levert het import- en exportbedrijf uit eigen voorraad aan Nederlandse afnemers, dan lijkt de afweging op die bij het overnemen van een groothandel. Daar bepalen de omloopsnelheid van de voorraad en de betaaltermijn van de klanten de prijs.

Spreiding weegt minstens zo zwaar als de marge. Een import- en exportbedrijf dat op één leverancier en drie afnemers draait, is kwetsbaarder dan de omzet doet vermoeden. De omzet per leverancier naast die per klant laat zien waar de afhankelijkheid het grootst is.

Vergunningen die bij een nieuwe eigenaar opnieuw moeten

De belangrijkste is de vergunning voor verlegging van invoer-btw, de artikel 23-vergunning. Met die vergunning betaal je de invoer-btw niet aan de Douane bij binnenkomst. Je geeft hem aan in je gewone aangifte en vraagt hem in dezelfde periode terug. De vergunning staat op naam van de ondernemer. Bij een nieuwe eigenaar wordt hij daarom opnieuw aangevraagd bij de Belastingdienst. Dat raakt vooral je werkkapitaal. Zonder vergunning schiet je het bedrag maandenlang voor.

De aanvraag gaat voor de levering

Stel dat de artikel 23-vergunning er op de overdrachtsdatum nog niet is. Bij een bedrijf dat maandelijks voor een half miljoen invoert, financier je dan een groot bedrag aan btw tijdelijk voor. Daarom begint de aanvraag ruim voor de levering. In de overeenkomst staat dat de verkoper meewerkt aan het overzetten van alle vergunningen.

De andere registraties hebben elk een eigen regel. Het EORI-nummer hoort bij de rechtspersoon. De status van vertrouwde marktdeelnemer blijft alleen geldig zolang het bedrijf aan de voorwaarden voldoet. Mag het bedrijf goederen onder douanetoezicht opslaan of bewerken zonder eerst invoerrechten te betalen, dan hangt daar een vergunning aan die bij een eigendomswisseling opnieuw kan worden beoordeeld.

Productveiligheid bij een importeur

Sinds 13 december 2024 geldt de Algemene Productveiligheidsverordening. Die legt een flink deel van de verantwoordelijkheid bij wie het product de Europese markt binnenbrengt. Zit de fabrikant buiten de Unie, dan moet er hier een verantwoordelijke marktdeelnemer zijn. Bij import is dat doorgaans de importeur zelf, die instaat voor een product dat aan de eisen voldoet. Zijn naam en adres staan op het product of op de verpakking. Hij bewaart de documentatie tien jaar en meldt incidenten. Brengt het bedrijf producten onder een eigen merk op de markt, dan gelden de plichten van een fabrikant. Daar horen de CE-markering en een technisch dossier bij. Ligt die documentatie per productlijn compleet klaar, dan neem je de voorraad over zonder verborgen aansprakelijkheid. Ontbreekt de documentatie voor voorraad in het magazijn, dan koop je een aansprakelijkheid mee die je pas merkt als er iets misgaat.

Koolstofheffing en ontbossing

Voor zes productgroepen geldt sinds 1 januari 2026 de definitieve fase van de koolstofheffing aan de buitengrens. Het gaat om cement, staal en aluminium. Ook kunstmest, waterstof en elektriciteit vallen eronder. De rapportageperiode is voorbij. Er hoort nu een heffing bij, en alleen toegelaten aangevers mogen deze goederen nog invoeren. Handelt een import- en exportbedrijf in staal of aluminium, dan hangt de invoer aan die toelating.

De ontbossingsverordening raakt een andere rij grondstoffen. Het gaat om rundvee, palmolie en soja. Cacao en koffie vallen er ook onder, net als rubber en hout. Grote en middelgrote bedrijven moeten sinds 30 december 2025 per zending aantonen dat de grondstof niet van ontbost gebied komt. De verklaring staat vóór de douaneaangifte in het Europese systeem. Voor de kleinste bedrijven ligt die datum later. Hoe het bedrijf dat heeft ingericht en wie het bijhoudt, is een deel van wat je overneemt. Zit die kennis bij één medewerker die met de verkoper vertrekt, dan koop je een verplichting zonder de persoon die weet hoe je eraan voldoet.

Leveranciers en handelsagenten van een import- en exportbedrijf

Exclusieve distributierechten kunnen het waardevolste bezit van een import- en exportbedrijf zijn. Ze zijn ook het breekbaarst. Een leverancierscontract kan een bepaling bevatten die de leverancier het recht geeft op te zeggen zodra de zeggenschap verandert. Soms mag hij dan opnieuw onderhandelen. Staat die bepaling in een contract, dan geeft een gesprek met de leverancier vóór het tekenen zekerheid. Een schriftelijke bevestiging dat de relatie doorloopt, weegt zwaarder dan de inschatting van de verkoper dat het wel goed komt.

Werkt het bedrijf met handelsagenten, dan telt het Burgerlijk Wetboek mee. Een agent die klanten aanbracht waar de opdrachtgever nog voordeel van heeft, krijgt bij beëindiging een klantenvergoeding. Die kan oplopen tot een jaarbeloning. Die jaarbeloning wordt berekend over het gemiddelde van de laatste vijf jaar. Het is dwingend recht, dus in een contract schrijf je het niet weg. Weet je vooraf welke agenten blijven, dan zit die vergoeding al in je plan en verrast ze je niet.

Voorraad, valuta en leveringsvoorwaarden

De verkoper heeft de voorraad op kostprijs staan. Jij wilt weten wat je er werkelijk voor terugkrijgt, en daar zit de ruimte in het gesprek. Een ouderdomsanalyse laat zien welk deel langer dan een jaar ligt en welk deel langer dan twee. Artikelen die twee keer per jaar rouleren, zijn iets anders dan artikelen die twee keer per maand de deur uit gaan. Een afspraak over incourante partijen maakt het prijsgesprek daarna een stuk eenvoudiger. Gangbaar is tellen op de leveringsdatum. Daarbij hoort een vooraf afgesproken staffel waarin oudere artikelen minder meetellen.

Wie in dollars inkoopt en in euro's verkoopt, verdient of verliest op de koers zonder dat er iets aan het product verandert. Lopende termijncontracten laten zien voor welke bedragen en tot wanneer het bedrijf zich heeft ingedekt. Een import- en exportbedrijf dat zijn marge structureel afdekt, is beter te waarderen dan een bedrijf dat op de koers gokt.

De leveringsvoorwaarden bepalen wie er opdraait voor schade en vertraging onderweg. Bij levering vrij aan boord ligt het risico vanaf het laden bij de afnemer. Betaalt de verkoper de kosten, de verzekering en de vracht, dan gaat het risico toch al bij het laden over. Bij geleverd met rechten betaald draagt de verkoper vrijwel alles. Per leverancier en per klant zie je welke voorwaarden er zijn afgesproken. Zo lees je ook af waar het import- en exportbedrijf risico draagt dat het misschien zelf niet doorheeft.

Hoe de markt een import- en exportbedrijf waardeert

Schattingen uit de overnamemarkt zetten handelsondernemingen op ruwweg vier tot zes keer de genormaliseerde EBITDA. Langlopende leveranciersrelaties, een gespreide klantenkring en een gezonde voorraadomloop brengen een bedrijf bovenin die reeks. Naar beneden werkt vooral concentratie. Dan draagt één leverancier, één grote klant of één productgroep het geheel. Een contract dat de leverancier bij een eigendomswisseling laat opzeggen, drukt de factor ook. Voorraad die traag beweegt doet hetzelfde. In de handel zit het resultaat in kleine percentages op grote bedragen. Een aanname die een half procent naast zit, verschuift de hele waardering. Met een accountant die de brutomarge en de voorraadwaardering heeft nagekeken, bied je op cijfers die kloppen.

Overnemen of zelf een import- en exportbedrijf starten

Een bedrijf in import en export beginnen kan met een laptop en een inschrijving. Dat maakt zelf starten aantrekkelijk. Het verklaart ook waarom een bestaand bedrijf toch geld waard is. Een import- en exportbedrijf overnemen levert twee dingen op die je zelf jaren kosten. Dat zijn leveranciers die je vertrouwen en afnemers die blijven bestellen. Wie begint, overtuigt zijn eerste leverancier zonder referenties. Een leverancier die je niet kent, kan vooruitbetaling vragen. Een bestaand bedrijf heeft betalingstermijnen en soms een kredietlimiet, en dat scheelt direct in werkkapitaal.

Ook aan de douanekant ligt al veel klaar. Registraties en vergunningen voor vereenvoudigde procedures zijn opgebouwd, net als de afspraken met een expediteur. Soms zijn ze goedgekeurd op naam van de onderneming. Of dat doorloopt bij een eigenaarswissel of opnieuw moet, scheelt weken tot maanden. Wie zelf start, kiest vrij wat hij verhandelt, maar krijgt een aanloop waarin de marge dun is en het risico van elke zending bij hem ligt.

Rechtstreeks in gesprek met de handelaar

Regels rond koolstof, ontbossing en productveiligheid stapelen zich op. Een import- en exportbedrijf ter overname is daarom meer dan een klantenlijst. Het is ook de administratie die aan die regels voldoet. In je zoekprofiel kies je de branche en de regio waar je naar kijkt. Komt er een import- en exportbedrijf te koop dat daarop aansluit, dan krijg je bericht. Dat gebeurt zodra wij de aanmelding hebben nagelezen en ze in het aanbod staat. Wat er te koop is, zie je na het inloggen.

Spreekt een bedrijf je aan, dan vraag je contact aan met de handelaar. Die leest wie je bent en kiest zelf of hij het gesprek aangaat. Het gesprek over leveranciers, vergunningen en voorraad voer je daarna zonder tussenpersoon. Of de contracten met buitenlandse leveranciers meegaan, is bij de overname van een bedrijf in de handel de vraag die alles bepaalt. Het antwoord krijg je dan van degene die de contracten zelf heeft gesloten.

Neem de handel over waar hij al loopt

Invoer voor de Nederlandse markt of vooral wederuitvoer? Die keuze bepaalt hoe je biedt. Na je aanmelding leg je vast waar je naar zoekt.

Meer bedrijven kopen binnen Handel & groothandel