De eerste vraag van een koper gaat niet over geld. Hij wil weten hoe vol je buitenschoolse opvang zit op woensdag en vrijdag. Op die twee middagen zie je het verschil tussen een gezonde en een moeizame exploitatie. Een volle woensdag zegt hem daarom meer dan een mooi gemiddelde over de hele week. Met een wachtlijst werkt het net zo. Staat er een wachtlijst voor dinsdag terwijl vrijdag half leeg is, dan is dat eerlijker dan één totaalgetal. Een koper ziet er meteen een plan in.
Naast de dagen telt de manier waarop ouders bij je afnemen. Vaste dagen, flexibele afname en pakketten in schoolweken gedragen zich heel verschillend. Een koper wil begrijpen welk deel van je gezinnen elke week op dezelfde middagen komt. Ook het verschil tussen je kindplaatsen in het register en de plaatsen die echt gebruikt worden, vertelt hem iets. Het laat zien hoeveel ruimte er nog in je buitenschoolse opvang zit, en die ruimte kan hij zelf gaan vullen.
De vakantieweken van je buitenschoolse opvang
Twaalf weken per jaar draait je buitenschoolse opvang hele dagen in plaats van een paar uur na school. Dat vraagt een ander rooster en een ander programma. Soms komt er extra vervoer bij. Per kind leveren die weken ook veel meer op dan een gewone schoolweek. Een koper bekijkt de vakanties daarom als een eigen exploitatie naast de rest van het jaar. Hij wil weten welk deel van je gezinnen een pakket met vakantieopvang neemt en welk deel alleen de schoolweken. Een groot aandeel vakantiepakketten is voor hem omzet die al vastligt voordat de zomer begint.
Wie die weken draait, bepaalt of een koper de vakantieomzet zonder gedoe kan voortzetten. Sta je er met je vaste ploeg, dan neemt hij een werkend rooster over. Leun je op invalkrachten of studenten, dan rekent hij met meer onzekerheid. Een vaste afspraak met een zwembad, een boerderij of een sportclub is een klein maar echt bezit dat meegaat. Het programma staat dan al en hoeft niet opnieuw bedacht te worden. Naast de verkoop van een zorgboerderij valt die piek extra op, want daar loopt de dagbesteding het hele jaar door in dagdelen van vier uur.
De school waar je bso aan hangt
Zit je met je buitenschoolse opvang in of naast een basisschool, dan hangt je hele exploitatie aan de overeenkomst met het schoolbestuur of de gemeente. De looptijd, de opzegtermijn en de vergoeding bepalen hoe lang een koper op die plek kan rekenen. Het sterkste wat je kunt hebben, is een brief waarin de school instemt met een nieuwe houder. Een koper met dat ja op zak weet dat de kinderen na de overdracht gewoon naar hem toe blijven lopen.
De school levert ook je instroom, en die komt vrijwel helemaal uit één gebouw. Een koper rekent daarom met het aantal leerlingen en met hoe dat aantal zich de komende jaren ontwikkelt. Een school die groeit, is voor hem de bezetting van later. Daarbij kijkt hij naar je vierkante meters. Per aanwezig kind is minimaal 3,5 vierkante meter binnenspeelruimte nodig en 3 vierkante meter buiten. De ruimte die je daarboven overhoudt, bepaalt of er nog kindplaatsen bij kunnen.
Je buitenschoolse opvang op naam van een nieuwe houder
Opvang draaien mag pas als je locatie in het Landelijk Register Kinderopvang is ingeschreven. Die inschrijving is een besluit van de gemeente, dat mede steunt op een onderzoek van de GGD. Bij een wisseling van houder moet dat opnieuw. Zonder registratie op naam van je koper hebben ouders geen recht op kinderopvangtoeslag, en dan valt de omzet stil. Je overdrachtsdatum hangt daarom aan de doorlooptijd van je gemeente. Hoort de gemeente de voorgenomen wijziging vroeg, dan ken je haar termijn en ligt er een haalbare datum. Een kinderdagverblijf te koop zetten vraagt dezelfde houderwijziging, met minstens acht weken tussen aanvraag en besluit.
Je GGD-rapporten zijn openbaar, dus een koper leest ze in elk geval. Dat geldt ook voor de herstelafspraken van de afgelopen jaren. Hoort hij de uitleg van jou, dan krijgt een oude bevinding de plek die ze verdient. Het veiligheids- en gezondheidsbeleid is de map die de GGD als eerste openslaat. Is dat beleid op orde, dan begint een nieuwe houder zijn eerste inspectie met een voorsprong.
Je team gaat mee
Bij de verkoop van de onderneming gaan de arbeidsovereenkomsten van je pedagogisch medewerkers ongewijzigd over. Salaris, vakantierechten en dienstjaren blijven wat ze zijn. In een sector met een structureel tekort aan pedagogisch medewerkers is een stabiel team je sterkste argument. Met het huidige tekort vindt iemand binnen een week ander werk. En met een vertrekkende kracht vertrekken soms de gezinnen die aan haar gehecht waren. Een houder die een buitenschoolse opvang overnemen wil, kijkt daarom of de gezichten die ouders nu kennen na de overdracht blijven. De eisen aan de groepen kijken niet naar wie de eigenaar is, dus op de dag na de overdracht moet het ook kloppen.
Het minimum aantal beroepskrachten reken je sinds 1 juli 2024 uit over het kindercentrum als geheel. Een groep mag maximaal dertig kinderen tellen. Een rooster dat die ruimte goed benut, is voor een koper geld waard. Werk je met andersgekwalificeerde beroepskrachten, dan heb je een aanbod waar een koper voor betaalt. Samen mogen zij tot een derde van je formatie vormen, mits ze een pedagogische module hebben afgerond.
Ook de medezeggenschap loopt mee in de overdracht. Vanaf vijftig werknemers heeft een ondernemingsraad adviesrecht bij een overdracht van zeggenschap. Tussen tien en vijftig speelt de personeelsvertegenwoordiging. Na de overdracht blijf je nog twaalf maanden meeverantwoordelijk voor wat daarvoor ontstond. Met een verlofadministratie en verzuimdossiers die op de dag van tekenen kloppen, blijft dat jaar voor jou rustig.
Oudercommissie en beleidsplan
Elke houder hoort een oudercommissie te hebben, met adviesrecht op het pedagogisch beleidsplan. Ook bij een verkoop heeft die commissie een eigen positie. Een commissie die er al jaren zit en adviezen gaf, laat een koper zien dat ouders zich verbonden voelen met je buitenschoolse opvang. Het beleidsplan zelf moet actueel zijn en beschrijven hoe je je beroepskrachten inzet. Sinds 1 juli 2024 staat er ook in hoe je de groepen indeelt, en waarom. Een nieuwe houder die zo'n plan overneemt, kan er op de eerste dag mee verder. De klachtenregeling hoort erbij. Aansluiting bij de Geschillencommissie is verplicht, en een koper meldt zich daar zelf opnieuw aan.
Je tarief tegenover de maximumuurprijs
Voor een uur buitenschoolse opvang gaat de kinderopvangtoeslag in 2026 uit van hooguit 9,98 euro. Vraag je meer, dan betaalt de ouder het verschil volledig zelf. Een koper kijkt daarom hoe je tarief zich de laatste jaren tot dat maximum verhield. Een houder die netjes meebewoog, vertelt een ander verhaal dan een die het verschil liet oplopen.
Aan de kostenkant telt de cao. De lonen gingen op 1 juli 2025 met 2,5 procent omhoog en op 1 september 2026 nog eens met 1,5 procent. Daarnaast is de eindejaarsuitkering in twee stappen verdubbeld tot acht procent. Op 31 december 2026 loopt deze cao af, en daarna volgt een nieuwe. Een koper reserveert daar hoe dan ook voor. Benoem je het zelf, dan sta je sterker in het gesprek.
Waar de prijs van je buitenschoolse opvang op rust
Inventaris en spelmateriaal van een buitenschoolse opvang wegen nauwelijks mee. Het gesprek gaat over kindplaatsen, over bezetting en over de vraag of de locatie beschikbaar blijft. Als vuistregel noemt de markt voor een bso ergens tussen vier en zes keer de EBITDA. Een enkele locatie zit aan de onderkant van die bandbreedte. Aantoonbare bezetting op de rustige dagen verbetert je positie het meest. Wordt een deel van de koopsom aan de bezetting van het eerste jaar gekoppeld, dan werken je volle middagen van nu ook voor dat deel van de prijs.
Heb je één locatie en sta je zelf elke week op de groep, dan bied je nog steeds een complete buitenschoolse opvang ter overname aan. Een koper neemt je kindplaatsen, je gezinnen en je plek bij de school in één keer over. Bij het bepalen van de winst wordt je eigen beloning naar marktniveau gecorrigeerd, met je uren op de groep erbij. Je eigen accountant legt bezetting en loonkosten naast elkaar. Gebeurt dat vóór er een prijs wordt genoemd, dan praten jij en de koper vanaf het begin over hetzelfde getal.
Van aanmelding naar een gesprek met een houder
Je buitenschoolse opvang plaats je gratis bij ons, met een beschrijving die in ongeveer tien minuten klaar is en geen map met stukken vraagt. Wij lezen de tekst na, en zodra hij zichtbaar is krijgt een houder die kinderopvang in jouw regio zoekt daar bericht van. Het aanbod lezen alleen kopers die zich bij ons hebben aangemeld, en wie met je wil praten stuurt een verzoek. Wie erachter zit, zie jij voordat je antwoordt. Pas als er een echte gegadigde is, kies je het moment waarop oudercommissie en team het horen. Een serieuze koper wil later je cijfers en stukken zien, en die komen in het gesprek vanzelf op tafel. Voor de overname zelf en de rest van de verkoop van je bedrijf haal je je accountant of een adviseur erbij.