S Silverfield

Voor kopers van een buitenschoolse opvang

Buitenschoolse opvang te koop: vind een bso met een volle bezetting

Een buitenschoolse opvang verkoopt uren in korte pieken. Van half acht tot half negen, van twee tot zes, en op vakantiedagen de hele dag, en daar moet de bezetting het hele jaar op zijn afgestemd. Daar komt bij dat de overheid voor buitenschoolse opvang per uur minder vergoedt dan voor dagopvang, terwijl het personeel onder dezelfde cao valt. Wie een buitenschoolse opvang wil overnemen, kijkt dus eerst naar de bezetting per dagdeel en pas daarna naar de omzet.

Zoek een buitenschoolse opvang op Silverfield

Tijdelijk kosteloos · je logt in met een code per e-mail, zonder wachtwoord.

Het uurtarief

Lager dan bij dagopvang.

De locatie

Meestal in of naast de school.

De formatie

Wie je mag inzetten.

Het verschil in vergoeding is concreet. In 2026 rekent de kinderopvangtoeslag met een maximumuurprijs van 9,98 euro voor buitenschoolse opvang, tegen 11,23 euro voor dagopvang en 8,49 euro voor gastouderopvang.

Alles wat een houder boven dat bedrag vraagt, betaalt de ouder volledig zelf. Er wordt daarnaast per kind maximaal 230 uur per maand vergoed, en dat plafond raakt vooral gezinnen met veel vakantieopvang.

Vraag daarom als eerste het uurtarief van de organisatie en zet het naast die 9,98 euro. Het verschil daartussen is het bedrag waarover ouders elk jaar opnieuw nadenken.

De bezetting van een buitenschoolse opvang zit in dagdelen

Een bso is op maandag, dinsdag en donderdag vol en op woensdag en vrijdag half leeg. Dat patroon is in vrijwel het hele land hetzelfde en het bepaalt je rendement volledig.

Vraag daarom de bezetting per dag van de week over twee jaar, en apart voor de vakantieweken. Een gemiddelde bezettingsgraad over het jaar verbergt precies waar het geld verdiend of verloren wordt. Diezelfde weekcurve zie je bij een zorgboerderij terug, met dit verschil dat dagbesteding per dagdeel van vier uur wordt afgerekend.

Vraag er de contractvormen bij. Werkt de organisatie met vaste dagen, met flexibele afname of met een pakket in schoolweken, want dat bepaalt hoe voorspelbaar de omzet is.

Vraag ten slotte of er een wachtlijst is en voor welke dagen. Een wachtlijst op dinsdag terwijl vrijdag leegstaat, is geen groei maar een planningsprobleem.

Vraag de personeelsinzet naast de bezetting

Sinds 1 juli 2024 is de houder verplicht het minimum aantal in te zetten beroepskrachten te berekenen op het niveau van het kindercentrum en niet meer per groep. Een groep mag daarbij maximaal dertig kinderen tellen. Die rekenwijze geeft ruimte om op rustige dagen efficiënter te roosteren, en de vraag is of deze organisatie die ruimte werkelijk benut. Vraag dus het rooster naast de bezetting per dagdeel en reken na hoeveel beroepskrachten er op een woensdag staan. Daar zit bij veel locaties een marge die niemand heeft opgehaald, en daar zit ook het risico dat een verkoper zijn resultaat kunstmatig mooi heeft gemaakt door te krap te roosteren.

Wie er voor de groep mag staan is ruimer dan je denkt

Een pedagogisch medewerker in de kinderopvang is opgeleid op mbo-niveau drie. Sinds 1 januari 2025 geldt daarnaast een taaleis: niveau 3F voor spreken en lezen en 2F voor schrijven.

Daarnaast bestaat er sinds 1 juli 2024 een mogelijkheid die vooral voor de bso is bedoeld. Een houder mag andersgekwalificeerde beroepskrachten formatief inzetten, dus mensen met een andere achtergrond zoals een professioneel musicus of een sporter, mits zij een pedagogische module hebben afgerond.

Maximaal een derde van de formatie op een kindercentrum mag uit die groep bestaan. Voor een bso is dat geen randvoorwaarde maar een instrument, want daarmee bouw je een activiteitenaanbod dat je onderscheidt van de bso twee straten verderop.

Vraag dus hoe de formatie is opgebouwd en of deze mogelijkheid wordt gebruikt. Vraag er de bewijsstukken van de gevolgde pedagogische modules bij, want die moet de administratie bevatten.

De registratie hangt aan de houder en niet aan het pand

Een houder mag een kinderopvangvoorziening pas exploiteren nadat die in het Landelijk Register Kinderopvang staat. De gemeente besluit daarover, mede op basis van een onderzoek door de GGD.

Wisselt bij een overname de houder, dan moet dat worden gemeld en opnieuw worden beoordeeld. Zonder registratie op naam van de nieuwe houder is er geen recht op kinderopvangtoeslag voor de ouders, en dan valt de hele omzet weg.

Begin dat traject daarom ruim voor de beoogde overdrachtsdatum en betrek de gemeente er vroeg bij. Reken op maanden en niet op weken, want er zit een inspectie in.

Vraag intussen de GGD-rapporten van de afgelopen jaren op. Die zijn openbaar, ouders lezen ze, en een openstaande overtreding is iets wat je vóór de overdracht wilt weten.

De ruimte van een buitenschoolse opvang is zelden je eigendom

Per aanwezig kind is minimaal 3,5 vierkante meter binnenspeelruimte vereist en minimaal 3 vierkante meter buitenspeelruimte. Die buitenruimte moet grenzen aan het gebouw waarin de opvang zit.

Bij een bso zit die ruimte vaak in of naast een basisschool, en dat maakt de schooldirecteur en de gemeente feitelijk tot je hospita. Het is de belangrijkste afhankelijkheid van dit type onderneming.

Vraag daarom de huurovereenkomst of de gebruiksovereenkomst op, met looptijd, opzegtermijn en de vraag of zij overdraagbaar is. Vraag er expliciet bij of de school akkoord gaat met een nieuwe houder.

Kijk daarna naar de leerlingaantallen van die school. Een bso die volledig van één krimpende school afhankelijk is, koopt een aflopende reeks, hoe goed de cijfers van vorig jaar er ook uitzien.

De loonkosten van een buitenschoolse opvang liggen vast in de cao

De cao Kinderopvang 2025-2026 is algemeen verbindend verklaard, dus hij geldt voor de hele sector en niet alleen voor leden. De salarissen gingen met 2,5 procent omhoog per 1 juli 2025 en met 1,5 procent per 1 september 2026.

De grootste stap zit echter in de eindejaarsuitkering. Die ging in twee stappen van vier procent naar acht procent, met de laatste verhoging per 1 januari 2026.

Reken die stappen door op de loonlijst die je krijgt en zet het resultaat naast het uurtarief. Een houder die zijn tarief niet heeft meebewogen, verkoopt je een marge die al is verdwenen.

Houd er verder rekening mee dat deze cao op 31 december 2026 afloopt. De opvolger is voor jou als koper een open post en het is verstandig daar een reservering voor te maken.

Het stelsel gaat op de schop, maar pas in 2029

Het kabinet werkt aan een nieuw financieringsstelsel waarin ouders zich nog maar één keer bij de overheid melden en de rest rechtstreeks met de opvangorganisatie wordt geregeld. De invoering stond op 2027 en is doorgeschoven naar 2029.

Dat betekent dat je een onderneming koopt waarvan de geldstroom binnen een gebruikelijke terugverdienperiode fundamenteel verandert. De toeslag verdwijnt dan als tussenstap tussen jou en de ouder.

Wie een buitenschoolse opvang koopt, heeft daarom reden om goed naar de administratie te kijken. Een organisatie die haar facturatie en debiteurenbeheer op orde heeft, stapt makkelijker over dan een die het van de toeslag laat afhangen.

Neem het ook mee in je onderhandeling over de looptijd van eventuele nabetalingen. Een afspraak die tot in 2029 doorloopt, loopt dwars door een stelselwijziging heen.

Wat een buitenschoolse opvang overnemen ongeveer kost

Er staat weinig op de balans wanneer het pand niet meegaat. Inrichting, spelmateriaal, een administratiesysteem en een bus of twee.

De prijs draait dus om de kindplaatsen, de bezetting en de vraag of de locatie blijft. In deze sector circuleren schattingen uit de overnamemarkt van ruwweg vier tot zes keer de EBITDA, met de kanttekening dat één locatie aan de onderkant zit.

Reken erop dat je concurreert met partijen die op schaal kopen. Onderzoek van de Erasmus Universiteit wees uit dat investeringsmaatschappijen ongeveer twaalf procent van alle kinderplaatsen in handen hebben, en die partijen bewegen sneller dan een particuliere koper.

Laat de cijfers door je eigen accountant nakijken voordat je een bod uitbrengt, met de bezetting per dagdeel apart. Bij dit type onderneming is dat de analyse die de prijs bepaalt.

De vervoersstroom tussen school en opvang

Bij buitenschoolse opvang zit een deel van het werk en het risico in de weg tussen de school en de locatie. Vraag daarom hoe kinderen worden opgehaald: lopend, met busjes, met de fiets, of komen ze zelf? Dat bepaalt je personeelsinzet op het drukste moment van de dag en het bepaalt je aansprakelijkheid onderweg.

Rijdt de opvang zelf met busjes, vraag dan naar het aantal voertuigen, hun leeftijd en de verzekering. Vraag ook wie er rijdt. Zijn dat pedagogisch medewerkers, dan zitten die een deel van hun tijd op de weg in plaats van bij de groep, en dat telt mee in je bezettingsberekening.

Vraag daarnaast hoeveel scholen er worden bediend en hoe ver die uit elkaar liggen. Een locatie die vier scholen aandoet, heeft een logistiek probleem op elke schooldag en is gevoelig voor een school die haar eindtijd verandert. Een locatie in of naast één school heeft dat probleem niet en is daarom stabieler.

Wat is er met de scholen afgesproken over die overdracht? Wie is verantwoordelijk vanaf welk moment, waar staat dat, en wat gebeurt er als een kind niet komt opdagen? Die afspraken horen op papier te staan, en of ze dat doen zegt iets over de hele organisatie.

Zo vind je een buitenschoolse opvang die ter overname komt

Zelfstandige bso's zijn vaak begonnen door iemand die zelf voor de groep stond en het anders wilde doen. Die eigenaren praten er niet openlijk over wanneer ze willen stoppen, want ouders en personeel zijn allebei gevoelig voor onzekerheid.

Geef daarom bij Silverfield op in welke regio je zoekt, hoeveel kindplaatsen je aankunt en of je meerdere locaties wilt. Ligt er een aanmelding die daarbij past, dan brengen wij hem onder je aandacht.

Wees duidelijk over de vorm die je zoekt. Een enkele locatie in een schoolgebouw vraagt iets heel anders van je dan een organisatie met vijf vestigingen en een eigen kantoor.

Zet er ten slotte bij of dagopvang voor je meetelt. Veel houders bieden allebei aan, en dan neem je een kinderdagverblijf mee met een eigen ratio, een eigen tarief en een eigen soort personeel. Reken er bij het overnemen van een kinderdagverblijf op dat de beroepskracht-kindratio bij baby's op één op drie ligt en je bezetting daarmee duurder wordt.

Hoor het zodra er een buitenschoolse opvang ter overname komt

Geef door in welke regio je zoekt, hoeveel kindplaatsen je aankunt en of vastgoed voor je meetelt. Komt daar iets op binnen, dan leggen wij het je voor.

Meer bedrijven kopen binnen Kinderopvang & onderwijs