Op 1 april 2025 kwam het CBS uit op ongeveer negentienhonderd bedrijven met varkens. Dat is een daling van 7,1 procent in één jaar. Op datzelfde moment zakte de varkensstapel voor het eerst sinds 1979 onder de tien miljoen dieren. Wie doorgaat, groeit, en juist die collega's zijn je kopers. Ze willen uitbreiden en weten precies wat stallen en rechten opbrengen. Ze vergelijken jouw aanbod wel met de rechten die stoppers los van hun stallen verkopen. Bij de verkoop van je bedrijf als geheel bied je meer dan zo'n los pakket. Losse rechten moeten bij een koper nog een stal vinden. Bij jou zitten ze al in stallen die draaien, met een vergunning en een resultaat erbij.
Varkensrechten met een eigen prijs
Je varkensrechten vormen een apart deel van de koop, met een marktprijs die losstaat van de staat van je stallen. Die prijs geldt per eenheid en verschilt per concentratiegebied. Dat zijn de streken in het zuiden en het oosten waar het meeste vee dicht op elkaar staat. Of je de rechten in eigendom hebt of leaset, weegt voor een koper zwaar mee. Begin 2025 werd bij een overdracht nog 22 procent van de rechten afgeroomd. Die verplichte afroming verviel op 9 december 2025. Sinds die datum gaat het volle aantal over naar wie je bedrijf koopt. Werkt je provincie met staldering, dan telt ook je positie daarin mee. Staldering is de regel dat wie dierplaatsen bijbouwt, elders stalruimte moet laten verdwijnen. Een collega die in zo'n provincie wil groeien, zet dus niet zomaar een nieuwe stal neer. Jouw vergunde stallen geven hem die ruimte in één keer.
Een vergunning die past bij je stallen
Een koper en zijn bank openen het gesprek met je omgevingsvergunning. Daarin staat hoeveel varkens je mag houden, in welk stalsysteem en met welke emissietechniek. Dat leggen ze naast wat er op een gewone dag in je stallen staat. Waar dat op elkaar aansluit, hoeft niemand verder te zoeken en kan het gesprek over de prijs gaan. Pas als je met een koper rond bent, komt de eigenaarswissel van de vergunning aan de orde. In gebieden met stikstof- of geurproblemen kan dat maanden duren. Dat werk doe je dan samen met iemand die al besloten heeft je bedrijf te kopen.
Techniek die laat zien hoe jij boert
Wat een collega het liefst van je bedrijf wil weten, is hoe het technisch draait. Op een zeugenbedrijf gaat het om het aantal gespeende biggen per zeug per jaar en om de uitval. Bij vleesvarkens tellen de groei per dag, de voerconversie en het uitvalpercentage. De varkensprijs en de voerprijs schommelen zo sterk dat een jaar met een smalle marge weinig vertelt over hoe jij boert. Goede technische resultaten staan los van die markt en laten zien wat jij zelf presteert. Met de gezondheid van je dieren is het net zo. De gezondheidsstatus en het antibioticagebruik, zoals je dierenarts dat rapporteert, vertellen een koper hoe het er in je stallen voor staat. Een schone status landt in de varkenshouderij rechtstreeks in de prijs.
Doorverkopen of stoppen met een regeling
Met opkoopregelingen haalde de overheid de afgelopen jaren varkensrechten en emissieruimte weg bij veehouders die stopten. Voor het voorjaar van 2026 kondigde het kabinet een nieuwe vrijwillige beëindigingsregeling aan, met een budget van 750 miljoen euro. Wie daarvan gebruikmaakt, beëindigt de productie op die plek voorgoed. Je stallen gaan naar de sloop of krijgen een andere bestemming. Een collega die je complete bedrijf koopt, houdt ze in gebruik en betaalt voor wat ze nog kunnen produceren. Welke route meer oplevert, hangt vooral af van de staat van je stallen. Met goed onderhouden stallen en een sterke vergunning kan doorverkopen gunstiger uitpakken. Bij verouderde stallen met een investeringsagenda kan de regeling beter uitkomen.
Onder de streep telt ook de belasting. Bij stoppen wordt afgerekend over de stille reserves in stallen en rechten. De landbouwvrijstelling geldt alleen voor de waardestijging van grond, dus voor je stallen en je rechten biedt ze geen uitkomst. Naast elkaar gezet, met die gevolgen erbij, laten de twee routes zien wat er voor jou echt overblijft. Bij veel varkensbedrijven staat het huis op hetzelfde erf als de stallen. Je kunt het meeverkopen of er blijven wonen, en die keuze telt mee in wat je overhoudt.
Stallen die klaar zijn voor wat komt
Wat je stallen ooit kostten, speelt voor een koper geen rol. Hij rekent met wat ze nog kunnen produceren binnen je vergunning en binnen de eisen die eraan komen voor emissie en dierenwelzijn. Elke investering die jij daarvoor al deed, hoeft hij niet meer te doen. Dat zie je terug in je prijs. Een luchtwasser met een compleet onderhoudslogboek is daar een goed voorbeeld van. Op dat logboek wordt gehandhaafd, en het bewijst dat de installatie doet wat de vergunning belooft.
Een stal die niet meer voldoet, valt een koper bij de eerste rondgang op. Hij zet het werk dat er nog aan moet als een aparte post in zijn berekening, naast de stallen die al klaar zijn. Een oude stal bepaalt zo niet het hele bod. Hij krijgt een eigen bedrag, en de rest van je bedrijf houdt zijn waarde. Achterstallig onderhoud drukt de prijs van een varkensbedrijf, terwijl een recente investering in emissiearme techniek hem juist optilt.
Voer, mest en de afzet van je varkens
In de varkenshouderij kost het afvoeren van mest veel geld, en de tarieven schommelen sterk. Een koper rekent daarom meteen met je afzetovereenkomst, de kosten per kuub en de ruimte die je hebt om mest op te slaan. Je voercontract en de afspraken over de afzet van je dieren wegen even zwaar. Hoe lang ze lopen, wanneer ze op te zeggen zijn en welke prijs erin staat, bepaalt een groot deel van je marge. Een koper wil dus weten of die afspraken bij de overdracht doorlopen. Je voerleverancier en je slachterij of integratie zien liever varkens op jouw locatie dan een lege stal. Soms weet zo'n partij zelfs een kandidaat. Hoort er bij je bedrijf ook een tak met kippen, dan heeft het verkopen van een pluimveebedrijf eigen rechten en eigen risico's.
Wie er op je varkensbedrijf meewerkt
De meeste varkensbedrijven draaien op de eigenaar en zijn gezin, en zo'n bedrijf is voor een collega even goed te koop. Hij komt voor je stallen, je rechten en je vergunning. Die gaan allemaal mee. Wie wel iemand in dienst heeft, geeft die arbeidsovereenkomst bij de overdracht van de onderneming ongewijzigd door aan de koper. Het werk van een partner of een gezinslid dat structureel bijspringt, staat meestal niet op een loonstrook. In zijn berekening zet een koper die uren om naar de kosten van een ingehuurde kracht.
Wat hij zich vooral probeert voor te stellen, is een gewone week op jouw erf. Wie doet de controleronde in het weekend, en wie komt er bij een storing in de klimaatinstallatie? Het laden, het wassen van de stallen, de dierenarts en de administratie liggen vaak al bij vaste mensen van buiten. Blijven die onder een nieuwe eigenaar, dan neemt hij een bedrijf over dat gewoon doorloopt. Nog meer waard is een bedrijfsleider of opvolger die het varkensbedrijf kent. Daarvoor betaalt een koper meer dan voor stallen zonder mensen.
Drie delen in de prijs van een varkensbedrijf
Een varkensbedrijf krijgt geen prijs als één bedrag. Het onroerend goed met de stallen, de varkensrechten en het resultaat dat het bedrijf draait, worden elk op een eigen markt gewaardeerd. Een koper en zijn bank taxeren die drie apart, met een eigen maatstaf per deel. Bij het resultaat gaat het om wat er overblijft als jij en je meewerkende gezinsleden een normaal loon toegerekend krijgen. Bij een gezinsbedrijf ligt dat getal lager dan de winst op papier, en toch gaat de onderhandeling juist daarover. Een bescheiden resultaat na die loonsom haalt de waarde van je stallen en je rechten niet omlaag. Die worden los ervan bepaald.
Verkopen met volle stallen
Een laatste jaar met een normale bezetting en gewoon onderhoud ziet een koper van je varkensbedrijf terug in zijn bod. De overdracht zelf valt het prettigst op een natuurlijk moment in de cyclus. Denk aan de periode tussen twee rondes vleesvarkens, of aan de weken na het opzetten van een nieuwe groep zeugen. Jullie hoeven dan minder met elkaar af te rekenen over dieren, voer en mest. Je aanmelding zelf is in een minuut of tien klaar. De zes tot twaalf maanden die een varkensbedrijf verkopen in deze sector duurt, beginnen pas echt als een koper serieus is. Hij heeft financiering nodig voor stallen én rechten, en zijn bank kijkt daarbij naar de vergunning en de investeringsagenda.
Je varkensbedrijf hier aanmelden
Een varkensbedrijf zet je gratis bij ons online, en van de verkoopprijs gaat geen percentage naar ons. De aanmelding beschrijft je bedrijf in hoofdlijnen en vraagt geen bijlagen. Je schrijft haar in een minuut of tien. Voordat ze online komt, leest iemand van ons haar na. Kopers met een zoekprofiel voor deze branche en jouw regio krijgen daarna bericht dat er een varkensbedrijf bij is gekomen. Het aanbod zien ze pas na het inloggen. Wil een collega verder praten, dan komt zijn verzoek eerst bij jou binnen, met zijn profiel erbij. Pas als jij instemt, spreken jullie elkaar. Cijfers en stukken komen daarna vanzelf aan bod, zodra een koper serieus gaat rekenen. Een adviseur komt pas in beeld bij de overdracht zelf, als er al een koper aan tafel zit.