S Silverfield

Voor eigenaren van een bandenbedrijf

Bandenbedrijf verkopen: vind een koper voor je werkplaats en je volle bandenhotel

Na jaren in de werkplaats kun je hier je bandenbedrijf verkopen aan een koper die je wisselklanten en je opslag overneemt. Twee keer per jaar staan dezelfde auto's weer voor je deur, en juist die terugkeer maakt een bestaande zaak iets waard.

Plaats je bandenbedrijf gratis

Aanmelden kost een paar minuten en verplicht je tot niets.

Bandenhotel

Een klant die zijn tweede set bij je laat liggen, gaat voor de volgende wissel nergens anders heen.

Wagenparken

Omzet uit contracten met wagenparken en lease hangt niet van het weer af en weegt het zwaarst.

Uitlijnen en sensoren

Werk naast de wissel maakt van een banddepot een werkplaats die het hele jaar draait.

Je omzet staat in je jaarrekening. De binding met je klanten staat er niet in, terwijl een koper juist daarvoor betaalt. Hij wil weten of de automobilisten die vorig najaar bij je wisselden, over twee jaar nog op je stoep staan. Het antwoord zit al in je kassasysteem en in de rekken van je opslag. Ook een eenmanszaak met een bandenhotel vol sets en een bestand dat elk voorjaar en elk najaar terugkomt, heeft precies wat een koper zoekt. Hij krijgt klanten die al gewend zijn om bij dit adres hun banden te laten wisselen.

De markt onder je zaak schuift wel. Bijna de helft van de Nederlandse automobilisten rijdt op allseasonbanden, die zomer en winter onder de auto blijven. Zo'n klant komt niet meer twee keer per jaar langs voor een wissel. Tegelijk wordt het wagenpark zwaarder. Elektrische auto's slijten hun banden naar schatting ongeveer een derde sneller, en dat vangt een deel van dat verlies op. Veel vaste wisselklanten en een groeiende groep elektrische rijders zijn voor een koper het teken dat de werkplaats ook de komende jaren vol staat.

Waarom een vol bandenhotel zwaar telt

In het bandenhotel wacht de tweede set van je klanten op het volgende seizoen. Wie daar zijn banden heeft liggen, gaat voor de volgende wissel nergens anders heen. Er staat alleen ruimte tegenover, en de opslag levert elk jaar opnieuw geld op zonder dat je er klanten voor hoeft te werven. Voor een koper is een vol hotel daarom een agenda die al gevuld is voordat hij de sleutel krijgt. Hij let er ook op hoeveel van die klanten hun nieuwe set uiteindelijk bij jou kochten. Daar zit de omzet achter de opslag, en die komt mee met de klant.

Wat die opslag kost, hangt af van de ruimte. Een eigen pand met een loods naast de werkplaats is een ander bezit dan een gehuurde hal. In het eerste geval koopt een koper de vierkante meters mee. In het tweede geval neemt hij een huur over die tegenover de opslagomzet staat. Het verschil zit in wat hij per set overhoudt. Een hotel dat vooral gevuld is met sets van klanten die elk seizoen terugkomen, is voor hem het meest waard, omdat elke plek in het rek dan geld oplevert. Een brandpolis die is afgestemd op al dat rubber onder één dak, neemt bij de overname ook de vraag van de verzekeraar weg.

Klanten die elk seizoen terugkomen

Het terugkeercijfer laat zien hoeveel klanten die in het najaar wisselden, in het voorjaar weer bij je stonden. Wie ook het seizoen daarna opnieuw kwam, hoort bij de vaste kern. Dat cijfer onderscheidt jouw zaak van elke andere bandenwinkel in de regio, en je kassasysteem houdt het al voor je bij. Een hoog cijfer vertelt een koper dat de klanten aan het adres gebonden zijn en niet elk half jaar opnieuw vergelijken. Omzet die vanzelf terugkomt, weegt voor hem zwaarder dan omzet die hij elk seizoen opnieuw moet winnen.

Een zaak die haar bestand elk jaar in september oproept voor de winterwissel, verkoopt een systeem dat de agenda vult. Zo'n oproep per telefoon of mail levert elk jaar afspraken op zonder reclame en zonder dat er nieuwe klanten gezocht hoeven te worden. Het werkt ook onder een nieuwe eigenaar, zolang het bestand en de gewoonte meegaan. Bij de verkoop van een wasstraat speelt het abonneebestand dezelfde rol. Ook daar koopt iemand omzet die niet elk seizoen opnieuw gewonnen hoeft te worden. Op dat deel rust het bod.

Wagenparken en lease in je bandenbedrijf

Particulieren, zakelijke klanten en leaserijders betalen anders. Ze komen op andere momenten en vragen ander werk. Van die drie groepen is het contract met een wagenpark of een leasemaatschappij voor een koper het meest waard, want die omzet hangt niet van het weer af. Een leasemaatschappij die haar auto's al jaren bij jou laat wisselen, is een klant die hij niet zelf hoeft te werven. Ze vult bovendien de weken waarin de particulieren wegblijven. Draagt één zakelijke klant een groot deel van je bandenbedrijf, dan kijkt een koper naar hoe lang die relatie al loopt en wie haar onderhoudt. Een contract dat bij een nieuwe eigenaar doorloopt, neemt hij mee als vaste omzet.

Twee drukke seizoenen en de maanden ertussen

Een bandenbedrijf draait op twee pieken. In het voorjaar en het najaar staat de werkplaats vol, en daartussen is het rustiger. Een koper die alleen een jaartotaal ziet, gaat naar die dalen raden. Ziet hij de maanden naast elkaar, dan leest hij een stille zomer als seizoen. Wat hem dan vooral interesseert, is wat de ploeg in die weken doet. Wagenparkwerk en uitlijnen houden de monteurs bezig. Kleine reparaties en onderhoud aan het eigen materieel vullen de rest. Draai je ook onderhoud en APK, dan weegt die omzet mee zoals bij een autogarage. Ze vlakt je seizoen af en laat zien dat de werkplaats het hele jaar werk heeft.

Een zachte winter houdt klanten langer op hun zomerbanden, en dat zie je in november terug in de agenda. In een bandenbedrijf ligt de verklaring voor zo'n dip buiten de deur. Het weer bepaalt wanneer de rij voor de werkplaats begint. Een cijfer dat zakt met die uitleg erbij, wekt bij een koper meer vertrouwen dan een grafiek zonder één dip.

Voorraad die ouder wordt op de plank

Rubber veroudert, ook als een band nooit onder een auto heeft gezeten. In het magazijn van een bandenbedrijf staat op elke band een code met het productiejaar en de week. Bij de overname wordt de courante voorraad geteld, en in dit vak gaat het gesprek juist over die voorraad. Een koper kijkt wat jong is, wat ertussenin zit en wat al te lang ligt. Jonge banden zijn voor hem handelswaar die hij het volgende seizoen verkoopt. Een eerlijk beeld van wat te lang ligt, maakt de rest van je cijfers geloofwaardig. Hoe je inkoopt, hoort bij hetzelfde verhaal. Wie vooruit koopt voor het seizoen, heeft meer geld in het magazijn staan dan wie per order bestelt. Die keuze verklaart je marge en je werkkapitaal.

Ook de oude banden horen bij een bandenbedrijf. Voor elke band die je verkoopt, betaalt de klant een verwijderingsbijdrage. Daarmee haalt een collectief systeem per nieuwe band een oude op. De afgedankte banden verdwijnen via die route, en de afdracht loopt gelijk op met het aantal banden dat over de toonbank gaat. Een buitenterrein zonder stapel oude banden achter het pand is het eerste wat hij ziet als hij het erf op rijdt.

Een bandenbedrijf dat meer doet dan wisselen

Een moderne auto vraagt meer dan een wissel. Bandenspanningssensoren in de wielen moeten opnieuw worden aangeleerd. Uitlijnen gebeurt op apparatuur die op vaste momenten geijkt moet worden. Bij auto's met rijhulpsystemen vraagt een uitlijning soms om een kalibratie van de camera's. Heeft je werkplaats die apparatuur en de kennis om ermee te werken, dan verkoop je meer dan een banddepot. Groeit het aandeel van uitlijnen en sensoren in de omzet van je bandenbedrijf, dan ziet een koper een zaak die met de auto's meegroeit.

Bruggen met genoeg hefcapaciteit voor zware elektrische auto's horen daar ook bij. Elke machine heeft een bouwjaar, en sommige moeten de komende jaren vervangen worden. Weet een koper welke vervanging eraan komt, dan rekent hij in zijn bod met een vast bedrag en niet met een ruime marge. Een werkplaats die al klaarstaat voor zware auto's, hoeft hij daarna niet eerst om te bouwen.

De monteurs die je seizoen dragen

Bandenmonteurs zijn schaars. Een ploeg die het seizoen zelfstandig draait, vervang je lastiger dan een machine. Voor een koper is die ploeg daarom een van de sterkste punten van je bandenbedrijf. Bij een overdracht van de onderneming gaan de arbeidscontracten mee naar de koper. Hij neemt de monteurs over, met hun ervaring en hun dienstjaren. De cao voor het motorvoertuigen- en tweewielerbedrijf loopt tot en met 31 oktober 2027. Over die looptijd komt de loonsverhoging uit op ruim tien procent. Daarmee weet een koper tot eind oktober 2027 precies waar hij met de loonkosten aan toe is. Het gesprek kan daarna gaan over de ploeg zelf, over wie het seizoen draait en hoe lang ze al bij je zijn.

De prijs van een bandenbedrijf met vaste klanten

Machines en courante voorraad worden getaxeerd of geteld. Bovenop die bezittingen betaalt een koper goodwill. Die volgt uit een veelvoud van je genormaliseerde resultaat: de winst zonder eenmalige posten en met een normaal loon voor de eigenaar. Sta je zelf in de werkplaats, dan rekent een koper jouw uren als een marktconform salaris. Wat daarna overblijft, is wat de klanten en het bandenhotel zelf opbrengen, en juist daarvoor betaalt hij. Een gevuld hotel en een hoog terugkeercijfer duwen dat veelvoud omhoog, net als wagenparken die de dalmaanden vullen. Hetzelfde doet een bestand dat blijft wisselen en niet naar allseason overstapt.

Wie een bandenbedrijf overnemen wil, kijkt waar je marge vandaan komt. Gesplitst naar banden, montage-uren en opslag vertelt die marge een eigen verhaal. Dan zie je welk deel van je omzet elk seizoen terugkomt en welk deel telkens opnieuw binnengehaald wordt. Een bandenbedrijf met veel opslag en vaste zakelijke klanten komt daar sterker uit dan een zaak die vooral losse banden verkoopt. Een serieuze koper wil die cijfers en de stukken erachter later zien, in het gesprek of bij het boekenonderzoek. Tot die tijd hoef je er niets voor klaar te leggen.

Najaar, het seizoen om je bandenbedrijf te laten zien

Een gesprek in juli gaat over een zaak in het dal. Hetzelfde gesprek in november gaat over een werkplaats die vol staat. Een koper die in het najaar komt kijken, ziet de ploeg aan het werk en de rekken in de opslag gevuld. Hij ziet dan in één middag waar hij voor betaalt.

Je plaatst je bandenbedrijf gratis bij ons en beschrijft het in je eigen woorden. Na het nalezen staat je bandenbedrijf ter overname in het aanbod voor ingelogde kopers. Stuurt iemand een contactverzoek, dan zie je eerst wie hij is en waarom hij belangstelling heeft. Pas als jij dat wilt, begint het gesprek. Daarna praat je rechtstreeks met elkaar, zonder makelaar ertussen. Je eigen accountant kijkt mee bij de prijs en de voorwaarden. Na dat eerste gesprek volgen bij de verkoop van je bedrijf nog het boekenonderzoek en de overdracht, en die stappen komen pas als er een koper aan tafel zit.

Je laatste seizoen hoeft niet het laatste van je zaak te zijn

Zet je werkplaats en de regio waar ze staat in een korte beschrijving. Plaatsen kost niets, en jij houdt de keus met wie je om tafel gaat.