In 2024 waren er in Nederland ruim 6.600 supermarkten, en het worden er nog steeds meer. Ondernemers met één winkel kijken soms naar een tweede. Zo'n koper begint niet bij je omzet. Hij wil weten wat er onderaan overblijft, en bij een supermarkt gaat dat gesprek bijna altijd over derving en personeelskosten. Die cijfers komen pas op tafel als je met een serieuze koper praat, niet in je aanmelding. Bij deze overname zit er bovendien een derde partij aan tafel. Naast de koper beoordeelt je formule de opvolger, op haar eigen criteria. Een dossier dat klopt, maakt dat traject korter.
Waarom een ondernemer met één winkel jouw supermarkt wil
Een koper die er een winkel bij wil, krijgt bij jou een ploeg die weet hoe de zaterdag loopt en een versafdeling die al draait. In een krappe arbeidsmarkt is zo'n ploeg veel waard. Heb je een bedrijfsleider die het brood bestelt en de roosters maakt, dan verkoop je een onderneming die ook zonder jou elke ochtend opengaat. Sta je zelf nog elke dag op de vloer, dan is er net zo goed een koper voor je winkel. Een ondernemer die zelf de zaak wil leiden, zoekt precies zo'n supermarkt. Hij neemt jouw plek in en krijgt je ploeg en je klanten erbij. Het verschil zit in waar hij voor betaalt. In het ene geval koopt hij een organisatie die zelfstandig draait. In het andere koopt hij je plek, een vaste klantenkring en de kans om het werk van jou over te nemen.
De formule beslist mee
Een koper leest je franchiseovereenkomst met andere ogen dan jij. Hij kijkt hoe lang ze nog loopt, welke fee je afdraagt en welke afnameverplichtingen erin staan. Ook wat er is afgesproken over verbouwingen en de inrichting van de winkel leest hij mee. Voor de verkoop zelf tellen twee vragen het zwaarst. Heeft de formule een voorkeursrecht? En welke eisen stelt ze aan een opvolger? Een franchisegever die vroeg hoort dat je wilt verkopen, werkt makkelijker mee dan een die het pas hoort als de koper al klaarstaat.
Sinds 1 januari 2021 geldt de Wet franchise. Die legt de franchisegever een informatieplicht en een zorgplicht op. Voordat je koper een nieuwe overeenkomst tekent, zitten er vier weken overleg tussen. Wie een drogisterij verkoopt, heeft dezelfde derde partij aan tafel. Ook daar keurt de formule de kandidaat, en dat bepaalt mee hoe lang het duurt.
Waar de derving van je supermarkt het verschil maakt
Van al het voedsel in Nederlandse supermarkten blijft bijna twee procent onverkocht. Per afdeling loopt dat ver uiteen. Bij brood en banket gaat het om ongeveer acht procent, bij zuivel om zo'n anderhalf. Een koper legt jouw derving naast die landelijke cijfers, en zit je eronder, dan is dat een argument dat hij zelf kan narekenen. Wat je al doet om derving te beperken, telt net zo zwaar. Afprijzen in het laatste uur is een bekend voorbeeld. Samenwerken met een voedselbank hoort er ook bij, net als scherper bestellen op de omzetsnelheid per artikel. Een koper wil zulke maatregelen al draaiend zien, want dan weet hij dat ze werken. Op hetzelfde percentage voor brood en banket wordt het verkopen van een bakkerij beoordeeld. Daar gaat het gesprek over dagstaten per baksel.
De vaste kern onder je rooster
Personeel is in een supermarkt de grootste kostenpost waar je zelf invloed op hebt, en een koper weet dat. Een winkel die de uren goed over de dagdelen verdeelt, ziet hij als een winkel die klopt. Veel mensen in deze branche hebben een klein contract. Daar schrikt niemand van, net zo min als van een hoog verloop. Wat een koper wil zien, is de vaste kern eronder. Dat zijn de mensen die bestellen, de versafdeling draaien en weten hoe het op zaterdag loopt. Hoe lang zij er al werken, zegt hem meer dan het aantal namen op de loonlijst.
De lonen tikken hard aan. De cao-lonen stegen in 2025 met vijf procent. In het eerste kwartaal van 2026 lagen ze vier en een half procent hoger. In een winkel met veel uren zie je dat meteen terug in je resultaat, en een koper rekent het door naar zijn eigen jaren.
Je mensen gaan mee bij de overdracht
Bij de verkoop gaan al je mensen van rechtswege over naar de koper, met hun loon, vakantiedagen en dienstjaren. Dat geldt voor je bedrijfsleider en net zo goed voor de scholier die op zaterdag vakken vult. Voor je personeel blijft het contract hetzelfde. Bij veel kleine contracten lopen de contracturen en de werkelijk gewerkte uren vaak ver uiteen. Een rooster waarin dat klopt, geeft een koper vertrouwen in de hele ploeg. Dan rekent hij met jouw cijfers, en daar praat je makkelijker over.
Met oproepkrachten ligt het net iets anders. Wie langer dan een jaar op oproepbasis werkt, heeft recht op een aanbod voor het gemiddelde aantal uren van het jaar ervoor. Is dat aanbod nooit gedaan, dan gaat die verplichting mee met de supermarkt. Een koper rekent haar tot op de euro uit. Is dat aanbod wel gedaan, dan heb je een vraag minder in het gesprek over de prijs.
Omzet per afdeling en het gat van de tabak
Eén omzetgetal zegt een koper in het gesprek weinig. Uitgesplitst per afdeling en per periode zegt het veel meer, zeker met de brutomarge erbij over drie jaar. Een ondernemer die al een winkel heeft, legt die cijfers meteen naast de zijne. Aan je omzetsnelheid per productgroep ziet hij dat je schappen werken.
Het tabaksverbod speelt ook mee. Tabak en rookwaren liggen sinds 1 juli 2024 niet meer in de supermarkt. Dat kostte elke winkel een productgroep en een deel van de klanten die ervoor kwamen. Iedere koper vraagt zich af hoe jouw supermarkt dat heeft opgevangen. Het antwoord zit in je kassacijfers. Heb je dat gat gedicht, dan laat het aantal transacties het zien.
Alcohol, hygiëne en het huurcontract
Voor zwak-alcoholhoudende drank heeft een supermarkt geen vergunning nodig. Aan de leeftijdsgrens van achttien jaar wordt wel gemeten. Een koper wil weten hoe je die controle hebt ingericht, ook bij de zelfscankassa. Hij vraagt ook of er ooit een boete is geweest. Op alcoholhoudende drank mag de detailhandel bovendien niet meer dan vijfentwintig procent korting geven. Een aanbieding die daar ongemerkt overheen ging, komt in een boekenonderzoek precies boven. Een koper waardeert een winkel waar de voedselveiligheid op orde is, en de laatste inspecties laten hem dat zwart op wit zien. Een bevinding die al is afgehandeld, is in het gesprek geen vraag meer.
Bij winkelruimte gaat het wettelijk om een termijn van vijf jaar en daarna nog eens vijf. Een koper wil weten waar in die cyclus hij instapt. Hij leest de resterende looptijd, de indexatie en de verlengingsafspraken. Je openingstijden mag een verhuurder sinds 2020 niet meer op eigen houtje veranderen. Weet je van nieuwbouw in de buurt, of van een concurrent verderop met een vergunning op zak? Dan hoort hij dat het liefst van jou, en een verkoper die open is over zijn buurt, maakt het gesprek over de prijs makkelijker.
Waarop de prijs van je supermarkt rust
Voor inventaris en koeling komt een taxateur, en de voorraad wordt geteld. De goodwill is onderhandelingswerk. In de overnamemarkt gaat daarop een factor op de genormaliseerde winst. Wie een supermarkt wil overnemen, kijkt even zwaar naar de formule als naar die winst. De resterende looptijd van je franchiseovereenkomst beweegt het bod meer dan een half procent marge. Dat doet ook de vraag of de formule met je koper verder wil. Daarom loont het om die kant vroeg mee te nemen. Een accountant die je derving en je loonkosten bekijkt voordat je een bedrag noemt, geeft je een prijs die je kunt onderbouwen. Op die twee posten bouwt een koper zijn hele rekensom.
Je supermarkt aanbieden terwijl de formule nog jaren loopt
Aanbieden met een franchiseovereenkomst die nog jaren loopt en een derving onder het gemiddelde, is een heel ander gesprek dan in het jaar dat je contract afloopt. Wil je eerst weten hoe de verkoop van een bedrijf in grote lijnen verloopt, dan staat dat op een aparte pagina.
Hier beschrijf je je supermarkt in hoofdlijnen. Roosters, derving en inspecties horen daar nog niet bij, want die bespreek je pas met een koper die serieus is. Staat je winkel na het nalezen online, dan krijgen ondernemers met een zoekprofiel voor supermarkten in jouw regio bericht. Bekijken kan alleen wie ingelogd is. Wie interesse heeft, vraagt contact aan. Je leest eerst wie het is, en pas als jij ja zegt, spreek je elkaar. Je formule hoort het van jou, in een gesprek dat jij zelf plant. Voor de overname zelf, van contract tot overdracht, werk je met je accountant of een adviseur.