S Silverfield

Voor kopers van een installatiebedrijf

Installatiebedrijf te koop: vind een bedrijf met vast onderhoud

Een installatiebedrijf kopen draait om de vraag hoeveel omzet er volgend jaar vanzelf terugkomt. De onderhoudscontracten zijn hier belangrijker dan de projecten die nu lopen.

Zoek een installatiebedrijf op Silverfield

Tijdelijk kosteloos · je logt in met een code per e-mail, zonder wachtwoord.

Onderhoudsomzet

Terugkerend werk telt het zwaarst.

Gascertificering

Die vraagt bij een overname om herbeoordeling.

Monteurs

Zonder ploeg koop je een orderboek.

De technische installatiebranche zette in 2024 ongeveer 35,7 miljard euro om, tegen 33 miljard in 2023, met zo'n 195.000 mensen aan het werk. Voor 2025 en 2026 rekent de branche op een groei van respectievelijk 1,7 en 2,4 procent. Dat is een gezonde markt, en dat merk je aan de vraagprijzen.

Tegelijk is het een versplinterde branche. Er zijn ongeveer 45.000 installatiebedrijven, maar het overgrote deel daarvan is een zelfstandige zonder personeel. Bij de loodgietersbedrijven alleen al gaat het om ruim tienduizend inschrijvingen waarvan ongeveer 95 procent geen mensen in dienst heeft.

Wat er dus te koop staat, loopt sterk uiteen. De vraag die je bij elk bedrijf als eerste stelt, is welk deel van de omzet volgend jaar vanzelf terugkomt.

Bij een installatiebedrijf koop je de onderhoudsportefeuille

Hier zit het verschil met een aannemer, en het is een groot verschil. Een installatiebedrijf met een stevige portefeuille aan service- en onderhoudscontracten heeft een omzet die zichzelf grotendeels herhaalt: ketels die jaarlijks worden nagekeken, storingsdiensten die doorlopen en klanten die een abonnement hebben.

Dat vertaalt zich rechtstreeks in de prijs. In de overnamemarkt circuleren voor deze branche indicatieve factoren van ruwweg vier tot vijf keer de EBITDA, waarbij bedrijven met veel projectwerk aan de onderkant zitten en bedrijven met een flinke serviceportefeuille aan de bovenkant. Een aandeel terugkerende omzet van dertig procent of meer scheelt volgens die schattingen een halve tot een hele factor.

Het aantal lopende contracten, het bedrag per contract per jaar en het percentage dat jaarlijks wordt verlengd: die drie samen zijn je basis. Vraag ook hoe die contracten zijn vastgelegd en of ze bij een overname gewoon doorlopen. Een portefeuille die op naam van de eigenaar staat en op vertrouwen draait, is minder waard dan een portefeuille met getekende overeenkomsten.

Het certificaat voor gaswerk gaat niet vanzelf mee

Dit is de belangrijkste vergunningsvraag van deze branche en hij wordt bij overnames regelmatig over het hoofd gezien. Sinds 1 april 2023 mogen werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties alleen worden uitgevoerd door bedrijven met een geldig certificaat, bedoeld om koolmonoxideongevallen terug te dringen. Dat certificaat wordt afgegeven op grond van een schema en is drie jaar geldig.

Het certificaat hangt aan het bedrijf en aan de mensen die het werk doen, niet aan een rechtsvorm die je even overzet. Verandert de eigendom, dan volgt in de praktijk een herbeoordeling. Vraag dus wanneer het huidige certificaat afloopt, welk schema het volgt en wat er bij de certificerende instelling nodig is om het na de overname op naam van jouw onderneming te houden.

De laatste auditrapporten horen erbij, met de afwijkingen die daarin zijn vastgesteld. De handhaving op deze wet ligt bij de gemeenten en die is volgens de branche zelf te licht, maar bij een overname is dat geen geruststelling: jij neemt het dossier over zoals het is.

De onderhoudsmarkt die er nog ligt

Naar schatting laten 3,5 miljoen woningen hun gasinstallatie niet elke twee jaar nakijken, terwijl dat wel de bedoeling is. Dat is geen detail maar een marktgegeven: de onderhoudsvraag is aanzienlijk groter dan wat er nu wordt uitgevoerd. Vraag bij een installatiebedrijf hoeveel van de klanten die ooit een ketel geplaatst kregen ook een onderhoudsabonnement hebben. Zit dat percentage laag, dan koop je een klantenbestand met ruimte erin.

Welke papieren aan het bedrijf hangen en welke aan de monteur

Naast de gascertificering loopt er een tweede regeling die je in de gaten moet houden. Voor het werken met koudemiddelen geldt sinds 29 september 2025 een verbrede certificeringsplicht die niet meer alleen over gefluoreerde gassen gaat maar ook over natuurlijke koudemiddelen zoals propaan, kooldioxide en ammoniak. Dat raakt precies de bedrijven die warmtepompen plaatsen.

Er geldt een overgangsperiode: oude certificaten konden tot eind maart 2026 nog worden aangevraagd en wie er al een heeft, kan die nog jaren gebruiken. Vraag dus per monteur welk certificaat hij heeft, wanneer het verloopt en of het al is omgezet naar het nieuwe schema.

In dezelfde ronde komen de erkenningen voor water- en elektrotechnische installaties aan bod, en de vraag of het bedrijf een VCA-certificaat heeft. VCA is niet wettelijk verplicht, maar veel opdrachtgevers eisen het en zonder dat papier val je bij aanbestedingen af. Onderscheid daarbij scherp wat aan de onderneming hangt en wat aan de persoon, want dat tweede loopt de deur uit als iemand vertrekt. Ligt het zwaartepunt van dat werk bij de elektrotechniek, dan is een elektrotechnisch bedrijf overnemen een aparte afweging; daar hangen de aanwijzingen voor het werken aan installaties aan personen en niet aan de zaak.

De energietransitie is een grillige omzetmotor

Hier is oplettendheid geboden, want de cijfers schommelen hard. In 2023 werden er ongeveer 179.000 warmtepompen geplaatst, in 2024 zakte dat naar 125.000 en in 2025 kwam het weer op zo'n 136.000 uit, waarvan 86.000 volledig elektrisch en 43.000 hybride. Een bedrijf dat zijn omzet in 2023 heeft opgebouwd, laat dus een piek zien die daarna is weggevallen.

Die schommeling komt grotendeels uit beleid. De norm die vanaf 2026 een hybride warmtepomp zou verplichten bij vervanging van een cv-ketel is geschrapt; in het regeerakkoord staat 2029 als mogelijk nieuw moment. De ISDE-subsidie loopt door met een budget van ruim vijfhonderd miljoen euro voor 2026, waarbij een eerste lucht-waterwarmtepomp een startbedrag van ruim duizend euro krijgt plus een bedrag per kilowatt.

Twee andere ontwikkelingen raken je direct. De salderingsregeling voor zonnepanelen stopt per 1 januari 2027, wat de vraag naar nieuwe installaties verandert. En netcongestie zet een rem op laadpalen en op grotere aansluitingen; er staan meer dan vijftienduizend bedrijven op een wachtlijst voor extra capaciteit. Vraag dus hoe de omzet van dit installatiebedrijf over die stromen verdeeld is en wat er gebeurt als er één wegvalt.

Reken een installatiebedrijf door op materiaal en uren

In deze branche is ongeveer de helft van de omzet materiaal en gaat ruim 28 procent op aan personeel. Wat er overblijft is dus dun, en het verschil tussen een goed en een matig draaiend installatiebedrijf zit in de bezetting van de monteurs en in de marge op het materiaal.

De omzet per technicus is hier het kengetal. Bij de best presterende bedrijven lag die in 2023 rond de 310.000 euro per jaar, tegen ongeveer 280.000 euro gemiddeld. Zet daar de personeelskosten per fte naast, die in datzelfde jaar rond de zestigduizend euro lagen bij kleinere bedrijven en iets hoger bij middelgrote.

Het verschil tussen service en project is de tweede vraag. Serviceomzet heeft doorgaans een betere marge en een voorspelbaarder verloop, projectomzet is groter per opdracht maar afhankelijk van aanbestedingen en van meerwerk dat je moet zien binnen te halen. Let er bij de btw op dat installatiewerk aan woningen onder het algemene tarief van 21 procent valt; het verlaagde tarief geldt hier niet. Datzelfde tarief geldt voor het sanitair en het leidingwerk waar het overnemen van een loodgietersbedrijf om draait; ook daar loopt de marge vooral via het spoedwerk en niet via de projecten.

Monteurs zijn het echte knelpunt van een installatiebedrijf

Dit is de reden dat je een installatiebedrijf niet wilt overnemen om het daarna te laten groeien met personeel dat je zelf werft. In 2025 gaf 68 procent van de installatiebedrijven aan last te hebben van personeelstekort, en er stonden ongeveer 33.000 vacatures open in de technische branche.

Erger nog is de uitstroom aan de onderkant. Van de jongeren onder de 25 die in de branche beginnen, verlaat bijna de helft haar binnen een jaar weer. Een bedrijf met een ploeg die er al jaren zit en met leerlingen die blijven, is daardoor aanzienlijk meer waard dan hetzelfde bedrijf met twee openstaande plekken.

Daarna komt de cao die met die mensen meekomt. De cao voor het technisch installatiebedrijf loopt tot en met januari 2028 en kent onder meer drie procent per maart 2026, een eenmalige uitkering in november van dat jaar en een structurele verhoging per maart 2027. Een jaarrekening van vóór die stappen toont je loonsom te laag.

Zo vind je een installatiebedrijf dat te koop komt

Een installatiebedrijf is iets anders dan een aannemer, ook al werken ze op dezelfde bouwplaats. Dat onderscheid houd je bij het zoeken in het oog. Een aannemer verdient aan een project met een opleverdatum; een installateur verdient daarnaast aan een ketel die over een jaar opnieuw moet worden nagekeken. Dat verschil bepaalt de waardering en het bepaalt ook welk type koper er interesse heeft. Zoek je juist dat projectwerk met een opleverdatum, dan gaat het gesprek over het kopen van een bouwbedrijf; daar zit de waarde in de werkvoorraad en in het onderhanden werk.

In je zoekprofiel staan de regio, je budget en het aantal monteurs waar je leiding aan wilt geven. Elke nieuwe aanmelding gaat langs dat profiel en bij een bedrijf dat aansluit neem jij zelf het initiatief. Laat de contractportefeuille en het certificatiedossier voordat je tekent beoordelen door een adviseur die de installatiebranche kent. Zo kom je in beeld bij bedrijven waarvan de eigenaar er nog over nadenkt in plaats van er al mee te koop loopt.

Sta klaar wanneer er een installatiebedrijf te koop komt

Geef door in welke regio je zoekt, wat je kunt besteden en hoeveel monteurs je aankunt. Wordt er een bedrijf aangemeld dat daarbij past, dan laten we het je weten.