Kijk eerst waar de onderneming precies in zit. Een thuiszorgorganisatie, een woonzorglocatie en een gezondheidscentrum waarin meerdere praktijken samenzitten, vallen alle drie onder de noemer zorg en werken toch heel verschillend. Artikel 5 van de Wet toelating zorginstellingen bepaalt dat een instelling geen winstoogmerk heeft. Het Uitvoeringsbesluit wijst daarnaast de categorieën aan die wél winst mogen uitkeren, en dat zijn in de praktijk de aanbieders van zorg zonder verblijf.
Voor jou als koper is dat geen juridisch detail maar de kern van je rekensom. Een organisatie die begeleiding en dagbesteding levert kan dividend uitkeren; een locatie voor beschermd wonen met verblijf in beginsel niet.
Vraag daarom als eerste hoe de zorg wordt geleverd en onder welke titel er wordt gedeclareerd. Twee organisaties die er van buiten hetzelfde uitzien, kunnen op dit punt volledig verschillen.
Het wetsvoorstel Wibz gaat dit onderscheid opheffen
Op 29 januari 2025 ging het wetsvoorstel Integere bedrijfsvoering zorg- en jeugdhulpaanbieders naar de Tweede Kamer, waar het nog in behandeling is. Op 3 juli 2026 kondigde het kabinet aan dat het voorstel op drie punten wordt aangescherpt.
Het belangrijkste punt raakt je rendement rechtstreeks. Een winstuitkering mag straks niet hoger zijn dan een maximumpercentage van het geïnvesteerd vermogen.
Het tweede punt is dat dezelfde regels gaan gelden voor alle zorgaanbieders, ongeacht de leveringsvorm. Het huidige verschil tussen zorg met en zonder verblijf verdwijnt daarmee als scheidslijn.
Reken daar in je model op in plaats van op de regels van vandaag. Wie een zorgbedrijf overneemt met een terugverdientijd van zeven jaar, koopt een onderneming die het grootste deel van die periode onder ander recht valt.
Vraag hoe er tot nu toe geld uit de onderneming is gegaan
Vraag de dividenduitkeringen, de managementvergoedingen, de leningen aan de aandeelhouder en de huur die aan een aan de eigenaar gelieerde partij wordt betaald, over de laatste vijf jaar. Dat is geen achterdocht maar noodzakelijk werk, want die vier posten samen bepalen wat het werkelijke resultaat van de onderneming is en of dat resultaat onder de nieuwe regels overeind blijft. Vraag er meteen bij of de organisatie ooit vragen heeft gehad van de Nederlandse Zorgautoriteit of van een gemeentelijke toezichthouder over haar bedrijfsvoering. Sinds 1 januari 2025 bestaat er bovendien een centraal register waarin gegevens over vermoedens van zorgfraude worden uitgewisseld, en je wilt weten of dat onderwerp hier ooit heeft gespeeld.
Een zorgbedrijf heeft twee opdrachtgevers en twee toezichthouders
Begeleiding en ondersteuning worden betaald door de gemeente op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning. Langdurige zorg met een indicatie loopt via het zorgkantoor op grond van de Wet langdurige zorg.
Die twee geldstromen hebben elk hun eigen inkoopronde, hun eigen tarieven en hun eigen verantwoording. Een organisatie die uit beide put, voert feitelijk twee administraties naast elkaar. Bij het kopen van een thuiszorgbedrijf is er maar één opdrachtgever van betekenis: de zorgverzekeraar, met een contract per verzekeraar en een omzetplafond erin.
Het toezicht is net zo gesplitst. De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd houdt geen toezicht op de uitvoering van Wmo-zorg; gemeenten bepalen zelf hoe dat toezicht eruitziet, en de inspectie adviseert hen desgevraagd.
Vraag dus de rapporten van beide kanten op. Een gunstig oordeel van de inspectie zegt niets over hoe de gemeentelijke toezichthouder naar dezelfde locatie kijkt.
De overeenkomst met het zorgkantoor gaat niet vanzelf mee
In de standaardovereenkomst voor de Wet langdurige zorg staat dat de zorgaanbieder zijn rechten en plichten niet geheel of gedeeltelijk aan derden mag overdragen zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van het zorgkantoor. Dat is geen formaliteit maar een goedkeuring die je nodig hebt.
Aan de Wmo-kant ligt het per gemeente anders. Sommige gemeenten kopen in met een open toelating waar iedere aanbieder aan kan meedoen die aan de eisen voldoet, andere schrijven een aanbesteding uit met een vaste looptijd. Datzelfde verschil bepaalt wat je aan het kopen van een zorgboerderij hebt, want dagbestedingscontracten met gemeenten worden steeds vaker selectief aanbesteed.
Vraag daarom van elke gemeente en elk zorgkantoor het contract, de looptijd, de verlengopties en de datum waarop er opnieuw wordt ingekocht. Vraag er de tarieven bij, want die verschillen per gemeente aanzienlijk.
Neem daarna contact op met de opdrachtgevers zelf, samen met de verkoper. Een overname die pas ná de sluiting aan het zorgkantoor wordt gemeld, is precies het scenario waarin een contract kan worden opgezegd.
De vergunning en de verantwoording van een zorgbedrijf
Sinds 1 januari 2025 is de vergunningplicht uit de Wet toetreding zorgaanbieders uitgebreid naar aanbieders die met minder dan elf zorgverleners zorg leveren op grond van de Zorgverzekeringswet of de Wet langdurige zorg. Solisten, zelfstandigen zonder personeel en onderaannemers blijven erbuiten.
Aanbieders die deze zorg al vóór die datum als hoofdaannemer leverden, kregen een vergunning van rechtswege. Die is er dus zonder aanvraag en zonder besluit, en dat is iets om te weten wanneer je om papieren vraagt.
Vraag daarnaast de openbare jaarverantwoording over de afgelopen jaren op. Die moet jaarlijks vóór 31 mei over het voorgaande boekjaar worden ingediend, en een gat in die reeks is op zichzelf al informatie.
Let ten slotte op de rechtsvorm en het interne toezicht. Bij een organisatie van enige omvang hoort een raad van toezicht, en een koper die dat orgaan zelf nog moet inrichten heeft daar tijd voor nodig.
Het pand is bij beschermd wonen een eigen onderneming
Wonen en zorg zijn in Nederland gescheiden gefinancierd. Een cliënt die begeleid woont, huurt zijn woonruimte en krijgt daarnaast zorg, en dat zijn twee afzonderlijke overeenkomsten met twee afzonderlijke geldstromen.
Vraag daarom hoe dat bij deze organisatie is geregeld. Is de aanbieder eigenaar van het pand, huurt hij het en verhuurt hij door, of huurt de cliënt rechtstreeks van een woningcorporatie?
Elk van die drie levert een ander risico op. Bij doorverhuur draagt de aanbieder de leegstand, bij eigendom draagt hij de financiering, en bij rechtstreekse huur heeft hij het minste grip op wie er komt wonen.
Laat de huurovereenkomsten door je adviseur nakijken op de koppeling tussen wonen en zorg. Of een huurder bij het einde van de zorg ook de woning verlaat, is een bepaling waar hele exploitaties op vastlopen.
Het personeel van een zorgbedrijf en de cao die eind dit jaar afloopt
Voor veel organisaties in deze hoek geldt de cao Gehandicaptenzorg. Die loopt van 1 januari 2025 tot en met 31 december 2026 en bevat een loonsverhoging van acht procent over die twee jaar.
Van die acht procent ging vier procent in op 1 juli 2025, twee procent op 1 mei 2026 en nog eens twee procent op 1 november 2026. Die laatste stap moet nog komen en de cao loopt daarna af.
Reken die stap door en houd er rekening mee dat er een opvolger komt. Een koper die met de loonkosten van vorig jaar rekent, koopt een marge die er volgend jaar niet meer is.
Vraag daarnaast de opleidingsniveaus, het verzuim en het verloop over drie jaar. In het begeleidingswerk is de vertrouwensband met de cliënt het product, en met een vertrekkende begeleider vertrekt soms de cliënt.
Wat een zorgbedrijf overnemen ongeveer kost
Wat er op de balans staat is beperkt, tenzij het vastgoed meegaat. De prijs draait om de contracten, de bezetting van de locatie en de vraag of het resultaat overeind blijft onder de regels die eraan komen.
In de zorg circuleren indicatieve multiples van ruwweg zes tot ruim zeven keer de EBITDA, met uitschieters voor schaalbare organisaties. Dat zijn schattingen uit de overnamemarkt en ze zeggen weinig zonder de contractpositie eronder.
Corrigeer het resultaat eerst voor alles wat via de eigenaar loopt. Een managementvergoeding, een lening en een huur aan een eigen vennootschap kunnen samen het verschil zijn tussen een aantrekkelijk en een mager rendement.
Laat je eigen accountant daarnaar kijken voordat je een bod uitbrengt, met de declaraties per geldstroom apart. Bij dit soort ondernemingen is dat het onderzoek dat de meeste koopprijzen bijstelt.
Zo vind je een zorgbedrijf dat ter overname komt
Deze branche is gegroeid uit initiatieven van mensen die zelf in de zorg werkten en het anders wilden doen. Twintig jaar later zijn dat organisaties met dertig medewerkers en een bestuurder die aan stoppen denkt zonder dat iemand het weet.
Geef daarom bij Silverfield op in welke regio je zoekt, hoe groot de organisatie mag zijn en of je een locatie met vastgoed wilt. Meldt iemand zich die daarbij past, dan brengen wij hem onder je aandacht.
Zet erbij welke doelgroep je aankunt. Begeleiding van jongvolwassenen, ouderenzorg en gehandicaptenzorg vragen andere kennis, ander personeel en soms een andere vergunning.
Wees ten slotte helder over je financieringsruimte. Een zorgbedrijf ter overname met een eigen woonlocatie erbij is een vastgoedtransactie met een zorgorganisatie eraan vast, en dat vraagt een andere bank dan een ambulante praktijk.