S Silverfield

Voor kopers van een diëtistenpraktijk

Diëtistenpraktijk te koop: vind een praktijk met verwijzers en een plek in de keten

Rechtstreeks van de diëtist die haar praktijk overdraagt, koop je hier een diëtistenpraktijk. Wat zo'n praktijk waard is, zit bijna helemaal in de verwijzers en de plek in de zorggroep.

Zoek een diëtistenpraktijk

Je logt in met een code per e-mail, zonder wachtwoord.

Drie uur per jaar

De basisverzekering vergoedt hooguit drie uur diëtetiek per kalenderjaar, en die uren gaan van het eigen risico af.

Ketenzorg

Loopt de behandeling via de zorggroep van de huisarts, dan raakt ze het eigen risico van de cliënt niet.

Kwaliteitsregister

Zorgverzekeraars contracteren alleen diëtisten die in het Kwaliteitsregister Paramedici staan.

Een diëtistenpraktijk draait op de mensen die cliënten sturen. De huisarts, de praktijkondersteuner en de zorggroep bepalen samen hoeveel nieuwe cliënten er binnenkomen. De reden zit in de vergoeding. De basisverzekering betaalt per kalenderjaar hooguit drie uur diëtetiek, als de behandeling een medisch doel heeft. Die uren gaan van het verplichte eigen risico af. Dat eigen risico is in 2026 385 euro, en het kabinet liet het voor dat jaar bewust ongewijzigd. Wie in dat jaar nog niets aan zorg uitgaf, betaalt de eerste consulten in feite zelf. Of iemand hulp nodig heeft, is in dit vak zelden de vraag. Het gaat erom of hij de rekening van zijn eigen risico wil zien. Bij een overname draait het daarom om hoe deze praktijk om die drempel heen werkt. Het antwoord loopt bijna altijd via de huisarts.

Ketenzorg haalt de drempel weg

Bij diabetes, COPD en hart- en vaatziekten kan de zorg onder ketenzorg vallen. De diëtist werkt dan samen met andere zorgverleners, en de behandeling loopt via de zorggroep van de huisarts. Zo bekostigde zorg valt buiten het eigen risico van de cliënt. Voor hem verdwijnt de financiële drempel. Voor de praktijk verandert de instroom van karakter. Een cliënt in de keten hoeft niet elk kalenderjaar opnieuw te wegen of hij de rekening van zijn eigen risico wil zien. De eerste vraag bij de overname van een diëtistenpraktijk is dan ook met welke zorggroepen de praktijk afspraken heeft. Direct daarna wil je weten welk deel van de omzet uit die afspraken komt. Hoe lang die afspraken nog lopen en wie in de zorggroep het aanspreekpunt is, zegt hoeveel van die instroom na de overdracht doorloopt. Een praktijk zonder plek in een keten leeft van mensen die uit zichzelf komen en zelf betalen. Dat is een ander bedrijf, en meestal een kleiner.

Drie geldstromen met elk een eigen gedrag

Ketenzorg via de zorggroep is de stabielste stroom. Ze hangt wel aan een afspraak die kan worden opgezegd. Omzet uit de basisverzekering loopt tegen de grens van drie uur aan, en tegen het eigen risico. Zelfbetalers leveren het hoogste tarief op. Zij zijn ook het gevoeligst voor een nieuwe behandelaar. Een telling van cliënten en consulten per stroom laat zien hoeveel omzet op de keten rust. Ze laat ook zien hoeveel er hangt aan zelfbetalers die aan de vorige behandelaar gehecht zijn.

De registratie die telt in een diëtistenpraktijk

Diëtist is een beroep uit artikel 34 van de Wet BIG. Die wet beschermt de opleidingstitel. Alleen wie de voorgeschreven opleiding heeft afgerond, mag zich diëtist noemen. Een diëtist staat niet in het BIG-register en valt niet onder het tuchtrecht van die wet. Daarin verschilt ze van een psycholoog of een verpleegkundige. Voor een koper is een andere inschrijving beslissend. Zorgverzekeraars eisen in hun contracten inschrijving in het Kwaliteitsregister Paramedici. Die inschrijving moet elke vijf jaar worden vernieuwd. Zonder registratie is er geen contract, en zonder contract geen vergoede zorg. De inschrijving per behandelaar, met de datum waarop de herregistratie afloopt, laat zien hoe lang de contracten van een diëtistenpraktijk op een geldige registratie rusten. Bij de overname van een fysiotherapiepraktijk komt daar de BIG-registratie per behandelaar bij. Diëtisten staan juist niet in dat register.

Een vrij tarief, per contract onderhandeld

Voor diëtetiek stelt de Nederlandse Zorgautoriteit geen maximumtarief vast, anders dan in sommige andere zorgvakken. De prijzen zijn vrij, en verzekeraars onderhandelen per contract. Uurtarieven liggen in de markt ruwweg tussen de zestig en negentig euro. Per regio en per contract zijn de verschillen groot. Dat is een indicatie en geen vastgesteld bedrag. Voor één cliënt leveren drie vergoede uren bij zestig euro per uur 180 euro op, bij negentig euro 270 euro. Beide bedragen blijven onder het eigen risico van 385 euro in 2026. Een cliënt zonder andere zorgkosten in dat jaar betaalt de behandeling daarmee helemaal zelf, ook al valt ze onder zijn polis. Werkt een diëtistenpraktijk vooral gecontracteerd, dan bepaalt de verzekeraar in feite de omzet per uur. Een tarief dat de afgelopen jaren met de kosten meeging, houdt de marge van de praktijk intact. Stond het drie jaar stil terwijl de kosten opliepen, dan is die marge bij de overname al verdwenen.

Waar de cliënten van een diëtistenpraktijk vandaan komen

Voor diëtetiek is geen verwijzing nodig, tenzij de polisvoorwaarden van de verzekeraar dat eisen. Iemand mag zelf een afspraak maken. Toch komt in een diëtistenpraktijk het overgrote deel via een verwijzer binnen. Dat is de huisarts of de praktijkondersteuner, een specialist of een collega in het gezondheidscentrum. Het aantal nieuwe cliënten per maand en per bron laat over drie jaar zien waar de instroom vandaan komt. Minstens zo belangrijk is of een verwijzing naar de praktijk gaat of naar een diëtist bij naam. Een huisarts die al tien jaar naar dezelfde persoon verwijst, doet dat niet vanzelf naar haar opvolger. Voor jou is dat het verschil tussen een instroom die je overneemt en een instroom die je opnieuw opbouwt. Wie een psychologiepraktijk wil kopen, ziet hetzelfde verwijspatroon terug. Daar is een wachtlijst in de ggz eerder bewijs van vraag dan een probleem.

Weinig vaste lasten, ook voor wie naast je begint

De meeste praktijken werken vanuit een kamer in een gezondheidscentrum of een huisartsenpraktijk. Daarnaast ontvangt de diëtist cliënten aan huis of digitaal. De investering is klein, en de vaste lasten zijn het ook. Diezelfde lage drempel geldt voor wie morgen voor zichzelf begint. In dit vak gebeurt dat regelmatig. Wat je met een overname koopt, heeft zo'n starter twee straten verderop nog niet: een huisarts die al jaren naar de praktijk verwijst. De afspraken met de verhuurder of het gezondheidscentrum laten zien of de kamer na de eigendomswissel beschikbaar blijft. Een concurrentiebeding in de arbeidsovereenkomsten beschermt de omzet die je overneemt. In een praktijk waar die omzet aan personen hangt, is het een van de weinige middelen die er zijn.

Omdat alleen de opleidingstitel beschermd is, mag iedereen voedingsadvies geven. Zonder enige opleiding mag iemand zich leefstijlcoach, voedingsdeskundige of gewichtsconsulent noemen en daar geld voor vragen. Die aanbieders werken buiten de verzekering om en daarmee ook buiten het eigen risico. Voor de cliënt lijken ze daardoor goedkoper, en precies daar staat een diëtist zwak. Een praktijk die draait op medische indicaties en verwijzingen, heeft veel minder last van hen. Een praktijk die op gewichtsverlies mikt, merkt hun concurrentie veel meer. Begeleiding op afstand is een pluspunt. Het scheelt reistijd en levert meer consulten per dag op. Bij een sportschool zit het geld juist helemaal in wat de klant zelf betaalt, zonder vergoeding en zonder eigen risico.

Wat je betaalt voor een diëtistenpraktijk

Op de balans van een diëtistenpraktijk staat bijna niets. Er is een weegschaal en een dossiersysteem, met wat inrichting en een website. Een diëtistenpraktijk kopen komt daardoor neer op goodwill betalen. Die zit in de verwijsrelaties en de plek in de zorggroep. Persoonlijke goodwill hoort niet in de prijs, want de verkoper kan die niet overdragen. Het getal waar het om gaat, is de omzet die overblijft als de vertrekkende diëtist haar lopende trajecten heeft afgerond. Dat getal ligt bijna altijd onder de omzet van vorig jaar. Je eigen accountant splitst de omzet uit per behandelaar en per geldstroom voordat je biedt. Daarmee zie je welk deel van de vraagprijs op omzet rust die bij de praktijk blijft. Een praktijk die van één specialisatie leeft, met één zorggroep als bron, is kwetsbaarder dan het omzetcijfer doet vermoeden.

Veel diëtisten die voor zichzelf willen beginnen, twijfelen tussen zelf starten en een bestaande diëtistenpraktijk overnemen. Wie zelf begint, richt de praktijk vrij in en betaalt geen goodwill. Het duurt wel maanden voordat de eerste verwijzer je vindt. In die tijd lopen de huur en de inschrijving gewoon door. Bij een overname krijg je de verwijzers en de plek in een zorggroep in principe mee. Een deel van die relaties is wel persoonlijk. Daarom bestaat er een tussenvorm. Je stapt in bij een vertrekkende diëtist en loopt een halfjaar mee voordat je overneemt. Dat halfjaar kost wat opbrengst, en het grootste risico verdwijnt ermee. Dat is de kans dat de verwijzers met de vorige eigenaar meegaan in plaats van bij de praktijk te blijven.

Een diëtistenpraktijk ter overname, ook buiten je netwerk

Een diëtistenpraktijk gaat soms binnen een netwerk over naar een nieuwe eigenaar. Collega's kennen elkaar van de opleiding of uit een intervisiegroep. Wie alleen afwacht, ziet daardoor zelden een diëtistenpraktijk te koop staan. Een zoekprofiel met je regio werkt de andere kant op. Meldt een diëtist in die regio haar praktijk hier aan, dan lezen wij de aanmelding eerst na. Zodra die in het aanbod staat, krijg je er bericht van. Om de praktijken in het aanbod te zien, log je in met een code per e-mail.

Spreekt een diëtistenpraktijk je aan, dan begint het contact met een verzoek aan de eigenaar. Daarin noem je je specialisatie. Oncologie en nierziekten zijn andere werelden dan sportvoeding of kindervoeding, elk met hun eigen verwijzers. Ook of je zelf in de praktijk wilt werken, hoort in dat verzoek. Misschien wil je haar juist bij een bestaande praktijk voegen. Uit dat antwoord leest de verkoper wat er na de overdracht met haar cliënten en verwijzers gebeurt. Zij leest wie je bent en besluit zelf of ze op je verzoek ingaat. Daarna praat je rechtstreeks met haar over de zorggroep, de verwijzers en de cliënten die nog in behandeling zijn. Een kennismaking met de belangrijkste verwijzers hoort bij de overname van een bedrijf in de eerstelijnszorg.

Begin in de regio waar je wilt werken

Of een praktijk in de ketenzorg zit, vertelt de verkoper je zelf in het gesprek. Wat jij vooraf vastlegt, is de regio. Staat daar een nieuwe praktijk in het aanbod, dan hoor je het van ons.