S Silverfield

Voor kopers van een fietsenwinkel

Fietsenwinkel te koop: vind een zaak met een werkplaats die vol staat

Een fietsenwinkel is twee bedrijven onder één dak. Voorin staat een winkel met voorraad die per seizoen in waarde daalt, achterin draait een werkplaats die het hele jaar door verdient. Wie er een wil kopen, moet die twee apart bekijken.

Zoek een fietsenwinkel op Silverfield

Tijdelijk kosteloos · je logt in met een code per e-mail, zonder wachtwoord.

Negen of 21

Werkplaats en winkel, twee btw-tarieven.

De voorraad

Elk modeljaar kost waarde.

De accu

Opslag, revisie en de polis.

Dat onderscheid is bij deze branche zelfs fiscaal vastgelegd. Op de verkoop van een fiets en van losse onderdelen geldt eenentwintig procent btw, op reparatie en onderhoud negen. Een fietsenmaker moet die twee dan ook gesplitst op zijn factuur zetten.

Daar zit meteen het eerste dat je bij een overname nakijkt. Een winkel die dat onderscheid jarenlang slordig heeft toegepast, heeft een openstaande vraag bij de Belastingdienst, en je wilt weten hoe die is afgedekt voordat je tekent. De rest van deze pagina loopt langs de posten waar het bij een fietsenwinkel op vastloopt: de voorraad, de accu's, de regels rond fatbikes en de vraag wie er in de werkplaats staat.

De werkplaats van een fietsenwinkel is negen procent, de winkel eenentwintig

Dit is een verschil dat je in geen andere winkelbranche tegenkomt. De Belastingdienst rekent reparatie en onderhoud aan fietsen tot het lage tarief, en dat gaat verder dan alleen het arbeidsloon. Bij een reparatiebedrijf voor witgoed of elektronica geldt dat juist niet, want daar is alles belast tegen het algemene tarief.

Een bandje plakken valt er inclusief het plakmateriaal onder. Olie en vet die bij een beurt worden gebruikt ook. De haal- en brengservice hoort erbij als bijkomende dienst, en het rijklaar maken van een fiets die de klant online heeft gekocht net zo goed.

Maar de losse onderdelen die je verkoopt vallen onder het algemene tarief, en de reparatie van een snorfiets of een bromscooter ook. Dat maakt de scheiding op de factuur geen formaliteit maar dagelijks werk.

De omzet uitgesplitst naar winkelverkoop en werkplaats, over drie jaar, is het begin. Kijk daarna hoe de facturen eruitzien. Een fietsenwinkel waarvan de werkplaats een derde van de omzet levert maar meer dan de helft van de brutomarge, is een ander bedrijf dan een zaak die het van doorverkoop moet hebben. Bij een woonwinkel zit die tweede stroom in de bezorging en de montage; ook daar wil je weten wat er wordt doorberekend en wat het werkelijk kost.

De voorraad van een fietsenwinkel veroudert per modeljaar

Fietsen hebben modeljaren, net als auto's, en een fiets uit het vorige jaar verkoopt niet meer voor de prijs van dit jaar. Bij e-bikes gaat dat harder: een elektrische fiets is na een jaar al gauw een derde minder waard.

De voorraadlijst wil je zien met inkoopdatum, modeljaar en inkoopprijs per fiets. Tel op wat er ouder is dan een jaar en wat er ouder is dan twee. Dat deel gaat met korting weg en je wilt niet dat het tegen inkoopwaarde in de koopsom zit. Dezelfde telling maak je bij het overnemen van een kledingwinkel, alleen heet een modeljaar daar een seizoen en gaat de afwaardering sneller.

Let daarbij op het seizoen waarin je koopt. Een fietsenwinkel die in maart wordt overgedragen heeft de voorjaarsvoorraad net binnen en is op zijn duurst; dezelfde zaak in oktober heeft een uitverkoop achter de rug en een lege stelling.

Hoe is die voorraad gefinancierd? Staat er een deel op krediet bij een leverancier of bij een bank, dan koop je die afspraak mee. Vraag dan onder welke voorwaarden dat na de overdracht doorloopt.

De accu is het gevoeligste onderdeel van een fietsenwinkel

Een elektrische fiets moet voldoen aan de Europese norm voor e-bikes, moet een CE-markering dragen en moet met een Nederlandse gebruiksaanwijzing worden geleverd. De fabrikant stelt daarvoor een verklaring van conformiteit op.

Waar het echt om gaat is wat er met accu's gebeurt. De NVWA heeft gewaarschuwd voor gereviseerde lithium-ionaccu's, dus accupakketten die opnieuw zijn opgebouwd met andere cellen. Die geven een verhoogd risico op brand en op het vrijkomen van giftige gassen.

Reviseert deze winkel accu's, of laat hij dat doen, en onder welke voorwaarden? Vraag daarnaast waar de accu's worden opgeslagen en opgeladen, en of de verzekeraar daarvan op de hoogte is. Een brand in een stelling met veertig accu's is geen theoretisch scenario.

Kijk in de polis voordat je tekent

Vraag de verzekeringspolis op en lees wat erin staat over het opladen en bewaren van lithiumaccu's. Een polis kan daar voorwaarden aan stellen, over de plek, de brandwerendheid van de ruimte en het toezicht tijdens het laden. Voldoet de winkel daar niet aan, dan is dat een investering die jij doet en geen detail dat je later oplost.

Fatbikes en opvoersetjes zijn voor een fietsenwinkel een regelrisico

De categorie waarin een fiets valt bepaalt de regels, en dat luistert nauw. Een e-bike met trapondersteuning tot vijfentwintig kilometer per uur en maximaal tweehonderdvijftig watt is een fiets: geen helm, geen rijbewijs.

Een speed pedelec, die tot vijfenveertig kilometer per uur ondersteunt en tot vierduizend watt mag leveren, telt als bromfiets. Daar horen wél een helm en een rijbewijs bij. De verkoop daarvan liep terug van vierduizenddriehonderd stuks in 2022 naar drieduizendhonderd in 2024, ruwweg achtentwintig procent minder in twee jaar.

Een fatbike is in de standaarduitvoering gewoon een e-bike, maar zodra hij is opgevoerd wordt het een bromfiets of een snorfiets, met alle eisen die daarbij horen. Rijden op een opgevoerde e-bike levert een boete op van driehonderdtwintig euro, en de overheid heeft een verbod op opvoersetjes aangekondigd.

Dat raakt een fietsenwinkel op twee manieren. Verkoopt of monteert deze zaak dingen die een fiets sneller maken dan is toegestaan, dan is dat een risico dat je overneemt. En leunt de omzet zwaar op fatbikes, houd er dan rekening mee dat er plannen liggen voor een helmplicht en een minimumleeftijd. Het aantal fatbikers dat op de spoedeisende hulp belandde liep in een jaar op van vijfenzeventig naar ruim driehonderd.

Het leasekanaal en het fietsplan van de werkgever

Een deel van de fietsen wordt niet door de klant zelf betaald maar via zijn werkgever. Vraag welk deel van de omzet uit dat kanaal komt en bij welke partijen de winkel is aangesloten.

Die regelingen hebben hun eigen rekenwerk. Een werkgever mag bij de aanschaf of lease van een fiets ten hoogste honderddertig euro btw aftrekken, en dat maximum geldt voor de hele looptijd van een leasecontract en niet per jaar. Stelt hij de fiets ook voor privégebruik beschikbaar, dan komt er voor de werknemer een bijtelling van zeven procent van de adviesprijs bij.

Voor jou als koper is dat vooral een vraag over afhankelijkheid. Een fietsenwinkel die veertig procent van zijn omzet via één leasepartij binnenhaalt, heeft een kanaal dat kan opdrogen als die afspraak eindigt. Dat weegt zwaarder dan de marge die eruit komt.

Wat een fietsenwinkel te koop ongeveer kost

Bij een fietsenwinkel is een ongewoon groot deel van de prijs gewoon te tellen. De voorraad wordt gewaardeerd, de werkplaatsinventaris en het gereedschap worden getaxeerd, en pas daarna begint het gesprek over de rest.

Over die rest wordt in de overnamemarkt met een factor op de genormaliseerde winst gerekend. Wat hem omhoog haalt is een volle werkplaats met een eigen monteur, want dat is de omzet die niet met een webshop concurreert.

Wat hem drukt is voorspelbaar: oude voorraad, een omzet die aan één merk of één leasepartij hangt, en een eigenaar die zelf de belangrijkste monteur is. Laat je eigen accountant naar de voorraadwaardering kijken voordat je een bod uitbrengt, want daar zit bij deze branche het grootste verschil tussen vraagprijs en werkelijkheid.

Wie er in de werkplaats staat en hoe vol die staat

De werkplaats is bij een fietsenwinkel de stabielste omzet en tegelijk de grootste afhankelijkheid. Neem je de onderneming over, dan gaan de arbeidsovereenkomsten onveranderd op jou over, inclusief het loon en alles wat er in de loop van de jaren is opgebouwd. Vraag daarom vroeg wie er sleutelt, hoe lang al en welke opleidingen er liggen.

Daarna komt de vraag hoe vol de werkplaats staat. Een gemiddelde wachttijd van twee weken in het voorjaar is normaal, langer dan dat betekent dat er capaciteit tekort is. Vraag om het aantal reparaties per week over een heel jaar, want de piek in maart en april vertelt iets anders dan de rust in november.

Kijk daarbij naar de elektrische kant. Werken aan accu's, motoren en de bijbehorende software vraagt merkspecifieke opleiding en soms merkspecifiek gereedschap, en die opleiding staat op naam van een monteur. Vraag welke merken de werkplaats officieel mag onderhouden en wat er gebeurt als die monteur vertrekt.

Reken uit wat een werkplaatsuur werkelijk oplevert. Zet het uurtarief naast de doorbelaste uren en de bezetting, en vergelijk dat met de marge op de verkoop van een fiets. In de meeste winkels is de werkplaats de bestendigste bron van winst, en dat verandert waar je je aandacht legt.

Zo vind je een fietsenwinkel die ter overname komt

Veel fietsenwinkels zijn familiezaken die al decennia op dezelfde hoek staan. De eigenaar stopt op een gegeven moment, en of er dan iemand in de familie is die het overneemt, is lang niet altijd zeker.

Op Silverfield noem je de plaats, de omvang, of er een werkplaats bij hoort en wat je wilt uitgeven. Komt er zo'n zaak binnen, dan sturen wij hem naar je door.

Noem er ook bij wat je niet wilt. Wie geen zaak wil overnemen met een grote voorraad fatbikes, of juist geen winkel zonder werkplaats, hoeft daar geen gesprekken aan te besteden.

Er komen fietsenwinkels vrij, en jij kunt het als eerste weten

Geef door in welke plaats je zoekt, wat voor zaak je voor ogen hebt en of er een werkplaats bij moet. Wij sturen je de aanmeldingen die daarop aansluiten.